Tijdens mijn studie had ik een bijbaantje waarbij ik kopieën van handgetekende posters van de Utrechtse Dom mocht verkopen.

Van deur tot deur.

Mijn opdrachtgever zei: ‘elke Utrechter wil de Dom aan de muur!’

Eerlijk gezegd vond ik de posters foeilelijk en zou ik ze zelf nooit aan de muur willen. Ik vond het verschrikkelijk om te doen, want ik stond niet achter mijn product, verkocht bar weinig en als ik iets verkocht, dan had ik de indruk dat dat was uit puur medelijden met ‘die arme student’.

Ik had het gevoel dat ik mezelf verloochende en na drie dagen stopte ik ermee. Toch heb ik geen spijt van deze ervaring omdat ik een belangrijke les leerde: wat ik ook zou doen na mijn studie, ik zou in elk geval nooit, maar dan ook nooit meer iets gaan verkopen waar ik niet achter stond.

Wat ik zo mooi vind aan MGV trainer zijn

Waarschijnlijk is dit één van de redenen dat ik zo enorm kan genieten van het geven van training in Motiverende gespreksvoering: ik mag dan immers iets ‘verkopen’ waar ik voor de volle 100% achter sta. Het klinkt misschien wat pretentieus, maar ik heb echt het gevoel dat ik daarmee de wereld een beetje mooier maak (en ik weet dat ik niet de enige ben).

Of het nu docenten zijn, (para)medici, sociaal werkers of andere coachende professionals die deze methode leren: alleen al het feit dat ze zich bewust worden van hun reparatiereflex  maakt een groot verschil.

Veel mensen geven terug dat ze beter zijn gaan luisteren en hun leerlingen / cliënten / coachees nu veel meer voor vol aanzien. Maar dat niet alleen: ze weten vanaf dat moment dat ze niet ‘zomaar wat doen’, maar dat ze ook de gesprekskant van hun vak nu serieus nemen en daarin een evidence-based aanpak hanteren. Daarnaast is het een tak van sport waarin je voldoende creativiteit kwijt kunt. Zo werkt de één bijvoorbeeld graag met Powerpoint, een tweede tekent vooral op de Flipover en een derde maakt de methode heel voelbaar. (Zelf maak ik graag een combi van alle drie… :o)

Wie is er geschikt voor?

Het aardige is dat je – door les te geven in MGV – er zelf ook steeds bekwamer in wordt. Er schuilt volgens mij veel waarheid in het gezegde ‘If you want to learn something, go teach it’. Je hoeft de methode dus zeker niet perfect te beheersen. Ik weet uit ervaring dat sommigen de lat veel te hoog leggen voor zichzelf. Natuurlijk is het wel een voorwaarde dat je minimaal een driedaagse basistraining hebt ontvangen en enige ervaring hebt met het toepassen in de praktijk. Verder helpt het het volgende enorm:

– Als je de MGV-spirit omarmt of als die van nature bij je past
– Als je enthousiast bent over de methode (maar niet zó enthousiast dat je wellicht te veel gaat ‘preken’)
– Als je affiniteit en / of ervaring hebt met groepswerk
– Als je in jouw eigen praktijk al wat vlieguren hebt kunnen maken
– Als je het verlangen hebt om je deze methode echt eigen te maken en er (een deel van) je werkende bestaan aan wilt wijden

Bekende valkuilen in dit werk

‘Trainer Motiverende gespreksvoering’ is vooralsnog geen beschermde titel. Daardoor zie je soms dat iemand er les in geeft nadat hij slechts een boek heeft gelezen. Helaas is dit nogal tricky, want de methode in theorie begrijpen is nog iets heel anders dan de methode in de praktijk kunnen toepassen. En nog een niveau hoger is dat je de methode ter plekke kunt voorleven. Het kan immers zo maar gebeuren dat je leerling of deelnemer nog niet heel gemotiveerd is om de methode te leren. Soms moet je dus eerst de methode ter plekke toepassen om je deelnemers in de leerstand te krijgen. Maar als dat je lukt, dan win je wel meteen het vertrouwen van de groep als geheel!

Wat soms ook mis gaat is dat de methode wordt aangeleerd op een manier die niet verenigbaar is met de methode zelf. Sommige trainers laten geen voorbeeldgedrag zien. Ze vertellen hun deelnemers hoe ze kunnen aansluiten bij hun cliënten, maar stellen in hun trainingen de PowerPointslides bóven de praktijk van hun deelnemers. Ze leren deelnemers hoe ze kunnen omgaan met weerstand, maar reageren zelf niet effectief op de weerstand van hun deelnemers.

Er zijn ook mensen die de methode wel beheersen, maar die niet goed kunnen overbrengen. Trainer zijn is immers óók een vak. Zo had ik ooit een salsadans leraar die misschien zelf niet de beste danser was, maar die het fantastisch goed kon overbrengen. Later kreeg ik een leraar die een geweldige danser was, maar een beroerde leraar. MGV wordt vaak vergeleken met een dans… Laten we het erop houden dat je redelijk moet kunnen dansen én het moet kunnen overbrengen.

Organisaties die onbekwame MGV-trainers inzetten, kunnen trouwens grote schade oplopen. Bij iedere niet-effectieve trainingsdag verdampen er duizenden euro’s zonder enig resultaat. Cliënten of klanten zijn daar uiteindelijk de dupe van, want Motiverende Gespreksvoering is alleen aantoonbaar effectief wanneer het op de juiste manier wordt toegepast. En ook voor de medewerkers is het frustrerend om trainingen te moeten volgen die geen merkbaar resultaat opleveren.

Tips om je te ontwikkelen tot MGV-trainer

Allereerst: waarschijnlijk weet je zelf wel waar je nog werk te doen hebt. Misschien ben je al een ervaren trainer, maar beheers je de methode nog onvoldoende. Ga dan vlieguren maken, al is het met zogenaamde proef cliënten uit je eigen netwerk.

Of je hebt de methode juist al goed in de vingers, maar je hebt nog nauwelijks of geen ervaring met groepswerk. Geef dan eens een workshop aan wat collega’s of mensen uit je netwerk om te kijken hoe dat je bevalt.

Het helpt ook enorm als je je verdiept in de theorie. Het standaardwerk van Miller en Rollnick getiteld ‘Motiverende gespreksvoering – Mensen helpen veranderen’ is uiteraard een aanrader. Ga er wel even voor zitten, want het bevat ruim 500 pagina’s. Natuurlijk kun je ook mijn eigen boek lezen. Voordeel daarvan is dat je het veel sneller uit hebt en dat het al geschreven is met een ‘trainersblik’.

Een hele mooie stap is dat je lid wordt van MINT Inc. Helaas worden er jaarlijks een beperkt aantal Nederlanders toegelaten (om naar rato elk land evenveel kansen te bieden) en ligt de lat best hoog.

En natuurlijk kun je ook onze Train-de-Trainer Motiverende gespreksvoering volgen. Het is een vierdaagse die ik ieder najaar verzorg, binnenkort voor de vierde keer. Ik heb de training in samenwerking ontwikkeld met didactisch expert Arie Speksnijder van Bridge2learn. Deelnemers zijn doorgaans: Hogeschool docenten, zelfstandig trainers én mensen die de ambitie hebben om ooit MINT-lid te worden. Het aardige is dat dat al bij drie van onze deelnemers uiteindelijk is gelukt. Toeval?

Tijdens deze unieke vierdaagse krijg je in totaal vier verschillende trainers te zien – alle vier lid van MINT – waarbij ik zelf de constante factor ben.

Je zult in deze vierdaagse niet alleen je MGV-skills verdiepen, maar ook leren:
– hoe je een workshop of training didactisch verantwoord opbouwt
– hoe je een veilig leerklimaat opbouwt
– hoe je effectief omgaat met weerstand
– Hoe je ‘Practice what you preach’ in praktijk brengt
– hoe je leerzame demo’s kunt (en durft) geven
– wat het belangrijke verschil is tussen Real-play en Role-play
– welke werkvormen leuk en effectief zijn

NB: Als bonus krijg je na afloop gratis toegang tot de online training Breinvriendelijk trainen t.w.v. 497 euro en inclusief besloten Fb groep, zodat je je zelfstandig verder kunt ontwikkelen.

Mocht je vragen hebben of willen onderzoeken of deze Train-de-trainer past bij jouw ambities, neem dan vooral even contact op.

We kunnen dan in alle rust onderzoeken of er een match is (en ik beloof je dat ik geen geheime motivatie-technieken zal toepassen… :o)

 

Eens sprak ik een jongeman van 28 die veroordeeld was voor inbraak, handel in verdovende middelen en verboden wapenbezit. Nadat hij was vrijgekomen ontdekte hij dat zijn vriendin, tevens moeder van zijn zoon van drie, was vreemdgegaan. Hij voelt zich zwaar bedrogen, is boos op haar, maar heeft haar ook nodig. Zij twijfelt of ze met hem verder wil, maar ja, ze heeft ook een kind met hem.

B. vindt dit alles zó moeilijk dat hij bijna over niets anders kan praten. Bovendien legt hij de oplossing voor zijn problemen totaal buiten zichzelf: als zij weer voor me gaat… als ik nou maar een baan vind… als ik eigen woonruimte heb… ja, dan komt alles goed.

Hij bleef maar klagen, totdat…

Nu kende ik B. al een aantal weken en we hadden een prima werkrelatie. Hij nam vaak zelf het initiatief tot een gesprek en had duidelijk behoefte aan een luisterend oor. Echter, in zijn gedrag veranderde er weinig: hij bleef maar klagen en de verantwoordelijkheid buiten zichzelf leggen. Na enkele weken op de standaard begripvolle manier met hem gewerkt te hebben – zonder veel resultaat – besluit ik om het eens op de provocatieve manier te proberen.

“Ik ga het slechte in je benadrukken om het goede naar boven te halen”

Om de schok niet te groot te laten zijn bied ik eerst een veilig kader aan: “Ik stel voor dat we heet eens anders doen… Ik ga een beetje advocaat van de duivel spelen… Je kunt het zien als de hulpverleningsstijl van de kroeg… Ik ga het slechte in je benadrukken om het goede naar boven te halen. Maar onthoud alsjeblieft dat ik aan jouw kant sta, ok?” Hij stemt in met deze werkwijze en we beginnen. Een deel van het gesprek heb ik kort na afloop als volgt genoteerd.

NB: Dit was de tijd vóór ‘What Works’ en er bestonden nog nauwelijks protocollen. Over evidence-based werken hoorde je niemand. Kortom: ik kon naar hartenlust experimenteren met de provocatieve aanpak en dat deed ik ook. Destijds kende ik Motiverende gespreksvoering nog niet.. Toch is het opvallend hoeveel verandertaal (‘changetalk’) er bij deze jongeman op gang komt en zelfs met een opvallende felheid.

Het gesprek verliep als volgt:

(C staat hier voor Coach en B staat (heel verrassend) voor… B. )

C: Zullen we het maar weer eens over je vriendin hebben… (Ja…) Ok, weet je, ík snap wel waarom ze bij je weg wil! Want zeg nou zelf, wat moet ze nou met een man die nergens goed in is. Als crimineel wordt je steeds gepakt en als werkende burger… Nou ja, daar hoeven we het niet eens over te hebben… En dan loop je ook nog als een middeleeuwse slaaf te bedelen of je alsjeblieft bij haar mag blijven… geen wonder dat ze je niet respecteert!

B: Oh… Ze respecteert me heus nog wel, maar ze is gewoon haar vertrouwen in mij een beetje kwijt en ik trouwens óók in haar!

C: Ja en terecht! Ze heeft bewezen dat ze niet te vertrouwen is… Je hoeft maar even vast te zitten en ze gaat meteen vreemd! Als ik jou was zou ik maar een flatje tegenover haar gaan huren zodat je haar goed in de gaten kunt houden met een verrekijker! Misschien kun je ook wat afluisterapparatuur installeren in haar…

B: Wat een onzin! Ik moet gewoon snel een baan vinden, dan kan ik haar laten zien dat het me nu menens is! (Prille verandertaal) Maar ja door dat Kaulo-programma van jullie ben ik maar drie dagen per week beschikbaar en met mijn strafblad maak ik sowieso geen kans.

C: Precies, jij maakt geen kans! En bovendien past het werkende bestaan toch niet bij je. Misschien is het gewoon wel jouw missie in dit leven om beroepscrimineel te zijn…

B: Nee hee, ik wil eruit stappen! (Verandertaal: Willen)

C: Ja maar, misschien heb je het tot nu toe gewoon nog niet goed aangepakt! Je moet volgens mij groter gaan denken: anderen het vuile werk laten opknappen.

B: Je moest eens weten! Ik heb dingen gedaan, als ik daarvoor gepakt was, dan had ik zó 8, 9 jaar gekregen!

C: Oh, nu word ik wel nieuwsgierig, vertel eens!

B: Ja dág, dat ga ik jou niet aan je neus hangen!

C: Hè, dat vind ik nou jammer! Maar goed, daarmee ben je dus wel weggekomen! Kijk dat bedoel ik nou, het is gewoon een gave!

B: Okee, ik geef toe, ik heb heus wel eens gedacht: misschien moet ik gewoon doen waar ik goed in ben…

C: Ben jij dan echt zo goed?

B: Iedereen in Den Haag wil met mij werken!

C: Nou, zie je nou wel! Het is gewoon doodzonde als je zo’n talent laat versloffen!

B: Hou nou eens op! Ik wil er écht uitstappen! (Verandertaal: Willen)

C: Maar waaróm dan in godsnaam?!

B: (Zeer congruent) Omdat ik mijn GEZIN kwijtraak! (Verandertaal: Redenen)

C: Oké, oké, dus je wilt er uit stappen… Klinkt mooi, maar ik vraag me af of

jij daar wel sterk genoeg voor bent.

B: Oh heus wel! (Verandertaal: Kunnen)

C: Hoe weet je dat zo zeker?

B: Nou laatst nog, toen was ik in café ‘de Schurk’, waar al die grote jongens komen en toen kwam er eentje naar me toe en die zei: “ik heb een klus”. Nou toen zei ik gewoon: ‘vraag maar een ander, ik kap ermee”. (Commitmenttaal: Stappen zetten)

C: Jij?? Heb Jij dat gezegd??

B: Ja, ik ja!

C: Nou, oké, stel dat het je lukt, heb je weleens bedacht hoe saai dat burgermansbestaan wel niet is… (vermoeid met drama:) Elke Dag Om Zes Uur Op, wéér naar die zelfde saaie baan, de heeeele dag buffelen voor een hongerloontje, ’s avonds weer naar huis naar die zelfde saaie vrouw, en alvast je boterhammetjes smeren voor de volgende dag… Dat is toch geen léven!

B: Maar dan heb je wel rust! Kijk ik heb gewoon geen zin meer om steeds achterom te moeten kijken, 24 u per dag op je hoede! Mijn zoontje die bang is voor de politie! Dat is pas een rotleven! (Verandertaal: Redenen)

(…)

Voor de helderheid: deze man werd geen modelburger, maar dit gesprek bleek wel een keerpunt in de begeleiding. Hij begon meer verantwoordelijkheid te nemen en refereerde er nog vaak aan als ‘dat café-gesprek met jou’.

Ook provocatief leren coachen?

Benieuwd wat deze benadering kan betekenen voor jouw coach- of hulpverleningspraktijk? Hoe een beetje meer UCH! (Uitdaging, Contact en Humor) je dagelijkse werk kan opleuken? Overweeg dan eens deelname aan onze vijfdaagse training Provocatief coachen die in september weer van start gaat. Je ziet in totaal vier heel verschillende provocatieve coaches in actie, elk met een geheel eigen stijl. Bijzonder aan onze insteek is ook dat we allerlei verbanden leggen met ‘evidence-based coachmethoden zoals Motiverende gespreksvoering, Oplossingsgericht en Acceptance and Commitment Therapy.

Wat is ACT eigenlijk?

ACT staat voor Acceptance and Commitment Therapy en is een wereldwijd snel groeiende therapie- en coachmethode die mensen helpt om een vitaal en vervullend leven op te bouwen. Door ACT toe te passen vergroot je de mentale veerkracht (Acceptance) van je coachee, zodat hij of zij kan stoppen met worstelen. Hierdoor komt er energie vrij die je coachee kan richten op datgene wat echt belangrijk en van waarde is (Commitment). En dit kan ook als er beperkingen zijn zoals: verlies, ziekte, tegenslag of andere moeilijke omstandigheden.

ACT is ontwikkeld door Steven Hayes op basis van modern psychologisch onderzoek en oude boeddhistische wijsheid. Het gedachtegoed wordt treffend samengevat in dit gebed:

“Geef mij de kalmte om te aanvaarden wat ik niet kan veranderen, de moed om te veranderen wat ik kan veranderen, en de wijsheid om het verschil hiertussen te zien.”

Franciscus van Assisi

Hoe werkt ACT?

ACT gaat er vanuit dat het volkomen normaal is dat je als mens regelmatig lastige gedachten en gevoelens ervaart. Als ACT-coach probeer je die dan ook niet te veranderen of positiever te maken. Je doet iets veel mooiers: je verandert de relatie die iemand heeft tot zijn lastige gevoelens en gedachten. Hierdoor ontstaat een mildere levenshouding (Acceptance) en wordt de cliënt vrijer en veerkrachtiger. Ook komt er energie vrij die iemand nu bewust kan gaan richten op zaken die op dat moment van waarde zijn. Mensen leren zo nieuwe keuzes maken en zich hier duurzaam aan te verbinden (commitment). Persoonlijk waarden onderzoek vormt daarbij een soort kompas dat heel veel richting geeft. Kleine stappen tenslotte zorgen dat iemand ook echt in actie komt en langzaam maar zeker begint te veranderen. Het uiteindelijke doel is dat mensen psychologisch flexibel worden en hierdoor voluit kunnen leven en zijn wie ze willen zijn.

De ACT Matrix

Een heel toegankelijk model om ACT zelf te ervaren of aan iemand uit te leggen is de ACT Matrix. Hieronder vind je een simpele uitleg van mij op YouTube. Als je wilt kun je meteen meedoen. Pak in dat geval vast even een A4tje en een pen of potlood.

Hoe mensen vastlopen

Veel mensen die vastlopen in hun werk of leven doen één of meer van de dingen die je hiernaast ziet. In normaal Nederlands:

  1. Ze piekeren zich suf
  2. Ze hebben niet helder wat er werkelijk toe doet
  3. Ze handelen niet effectief
  4. Ze zitten vast in een star zelfbeeld
  5. Ze geloven dat wat ze denken ‘waar’ is
  6. Ze vermijden ongemak

Je kunt je vast voorstellen dat dit bepaald geen succesrecept is voor een rijk en betekenisvol leven. Tegelijkertijd hebben we hier allemaal in meerdere of mindere mate last van, check maar eens voor je zelf welke processen je herkent. Om deze reden werkt een ACT-coach altijd vanuit radicale gelijkwaardigheid.  In een metafoor: we zijn beiden de berg van ons leven aan het beklimmen. Het enige verschil is dat wij vanaf onze berg de berg van de coachee goed kunnen overzien en zo de coachee veilig naar hogere bieden kunnen gidsen.

Hoe mensen loskomen en een waardevol leven opbouwen

Als ACT-coach leer je ‘dansen rond de Hexaflex’. Dit is het centrale model binnen ACT: 6 processen (ik noem ze vaardigheden) waar je je coachees in traint. Het hoofddoel is dat hun psychologische flexibiliteit toeneemt, zodat ze vrij worden om te gaan doen wat ze moeten doen om te zijn wie ze willen zijn en ondertussen ruimte te maken voor ongemak en pijn. Immers, als het leven van hun dromen makkelijk was, dan hadden ze al lang stappen genomen om daar te komen. Het mooie is dat als je ACT gaat leren voor het coachen van anderen, je hier ook voor zelf van profiteert! Veel cursisten vertellen ons dat ze vrijer, levenslustiger, moediger en pro-actiever zijn geworden.

De zes ACT vaardigheden

Dit zijn de zes vaardigheden waar je als ACT coach je coachees in traint:

  1. Wakker aanwezig zijn in het hier en nu (Mindfulness)
  2. Weten wat ertoe doet voor jou en je dierbaren (waardenonderzoek)
  3. Toegewijd handelen (gebaseerd op je waarden)
  4. Vriendelijk omgaan met jezelf (zelfcompassie)
  5. Je gedachten loslaten (defusie)
  6. Je gevoelens ruimte geven (expansie)

Toegegeven: deze vaardigheden vragen een beetje oefening, maar ze zijn goed te leren! En het mooie is: na afloop van het coachtraject vergeet je coachee ze nooit meer. En mocht je het als ACT-coach ook even niet weten, dan kun je altijd hardop de Hexaflex op jezelf toepassen, waardoor je op een menselijke manier ACT voor leeft!

Wat kun je met ACT?

Hoewel ACT van oorsprong een therapievorm is wordt het wereldwijd steeds vaker in Coaching ingezet. Er wordt zelfs voorspeld dat ACT de potentie heeft om de effectiviteit van coaching te optimaliseren (Bron: Richard Blonna).

Dat is geen loze claim omdat ACT inwerkt op hele basale menselijke processen, die de persoonlijke effectiviteit vaak in de weg staan. Hierbij kun je denken aan: vermijding, piekeren, richtingloosheid, ineffectief gedrag en gebrek aan ‘presence’. Omdat ACT er rekening mee houdt dat niet alles maakbaar is in het leven kun je ook mensen coachen die niet verder komen met de gebruikelijke coachmethodes.

Met ACT kun je onder andere mensen coachen die kampen met uitdagingen, zoals:

  • Stress
  • Perfectionisme
  • Omgaan met een crisis (zoals Corona)
  • Oververmoeidheid
  • overmatig piekeren
  • ‘niet uit de verf komen’
  • Lastige gewoontes, zoals: snel boos worden, nagelbijten, koopverslaving, etc.
  • Pijnklachten
  • Beperkte fysieke mogelijkheden.
  • Sterke gevoelens van eenzaamheid, angst, somberheid of onzekerheid.
  • Het moeten functioneren onder hoge stress, zoals bij topsporters, ondernemers en executives.

Meer leren?

Zin om meer te ontdekken over Coachen met ACT?

Download dan hier ons gratis Ebook

of

kijk hier wanneer de volgende basistraining plaatsvindt!

Vond je deze blog nuttig? Pleae like or share!

Ik heb een besluit genomen.

Ok, eigenlijk is het meer een proces, maar toch…

Weet je, mensen reageren enorm divers op zo’n crisis als deze.

Van angstig tot heel moedig.

Van vermijdend en passief tot heel proactief.

Van egoïstisch tot heel vrijgevig.

Eerlijk gezegd herken ik al deze neigingen ook in mezelf.

Maar ik weet waar ik voor wil staan.

Zoals de Dalai Lama ooit zei: ‘Be open to change, but never let go of your values!”

Het ‘besluit’ houdt dan ook in dat ik me niet uit het veld ga laten slaan door de Corona-crisis.

Ik ga er alles aan doen om hier sterker uit te komen.

Sterker als mens en sterker als ondernemer.

En voor de helderheid: ik weet dat ik makkelijk praten heb, want ik ben gezond en mijn dierbaren zijn dat ook en daarvoor ben ik enorm dankbaar. En ik heb intens veel respect voor de mensen ‘aan de frontlinie’.

Maar ik realiseer me ook dat ik ervoor mag knokken om zo gezond mogelijk te blijven, zowel geestelijk als lichamelijk.

Zodat ik mijn bijdrage kan blijven geven aan een mooiere wereld.

Met betere coach-gesprekken, waarbij op een aandachtige & waarderende manier wordt geluisterd en coachees worden geprikkeld om stappen te zetten richting de beste versie van zichzelf.

Coach blij, coachee blij, verwijzer blij.

En omdat ik geloof in de kracht van ‘publiek commitment’ maak ik deze voornemens wereldkundig. Iedereen die me iets anders ziet doen dan wat hieronder staat mag me daarop aanspreken…

Hieronder lees je dus mijn persoonlijke voornemens én mijn plannen als ondernemer.

Ik neem mij het volgende voor:

Ik ben nieuwe gewoontes aan het ontwikkelen, zoals:

  • Elke ochtend koud douchen en sinds eind maart ook regelmatig een frisse duik in een mooie plas vlakbij. Ok, op het moment zelf is het soms afzien, maar onmiddellijk daarna voel je je onoverwinnelijk.
  • Na het douchen een moment van dankbaarheid en compassie, gevolgd door een meditatie.
  • Het eerste wat ik drink is een uitgeperste citroen met heet water en wat honing.
  • Tijdens het uitlaten van de hond doe ik ademhalingsoefeningen.
  • In mijn eerste werkpauze doe ik oefeningen in een vast ritme: maandag Qigong, dinsdag Kettlebell, woensdag Yoga, Repeat!
  • Ik stop op tijd met werken, ook als mijn to do-lijst schreeuwt om aandacht.
  • Daarna geniet ik van mijn gezin en doen we leuke dingen samen, tenminste: als zij dat ook willen. Het schijnt dat pubers soms hun eigen ding willen doen… (o:
  • Bewust consumeren, oftewel gezond voedsel in mijn lijf stoppen en opbouwende zaken in mijn hoofd stoppen, zoals TED-talks, de Correspondent, Filosofie, Boeddhisme, Mindfulness en natuurlijk mijn vakgebied bijhouden.
  • Beeldschermen uit om 22.00 uur, een korte terugblik op de dag en een meditatie voor het naar bed gaan, omdat ik uit ervaring weet dat ik veel beter slaap als ik op deze manier de dag afrond.
  • Op zondag een digitale detox: tijd om te lezen, wandelen, zwemmen, fietsen, spelen!

Klinkt dit streng? Voor mij voelt het juist heel bevrijdend en versterkend!

Mag ik hierin falen? Natuurlijk mag dat! Ik geloof in vallen en weer opstaan. Mild zijn naar je zelf, leren van ervaringen, jezelf vergeven en opnieuw beginnen!

Tot zover mijn plannen, ik hoop dat je er op de een of andere manier iets uithaalt voor jezelf!

Heb jij ook – juist nu – goede voornemens? Trek dan je stoute schoenen aan en deel ze hieronder!

“Ontneem nooit iemand zijn hoop. Misschien is dat het enige dat hij nog heeft” – anoniem

Het is duidelijk dat de wereld niet snel meer wordt zoals-ie was. Er zijn zelfs mensen die zeggen dat dat juist de bedoeling is. Dat onze oude manier van leven niet meer houdbaar is en dat dit de manier is waarop de natuur voor zichzelf zorgt. Andere mensen zijn juist heel somber over de gevolgen van de Corona-crisis op het gebied van economie, het huiselijk geweld dat toeneemt, de kans op nieuwe virussen.

Als ras-optimist (die het nu soms ook even moeilijk heeft) ben ik ervan overtuigd dat het belangrijk is om hoop te houden. Hoop dat we hier als mensheid sterker, wijzer en nederiger uit zullen komen. Sterker omdat we leren dat een gezond immuunsysteem bepaald geen luxe is. En wijzer omdat we beseffen hoe verbonden we zijn, dat we met zijn allen in hetzelfde schuitje zitten op deze planeet en dat we elkaar keihard nodig hebben. Nederiger omdat we meer respect zullen hebben voor de natuur en zullen beseffen dat niet alles draait om economie en consumptie.

Om jouw hoop een beetje te voeden heb ik vijf korte, hoopgevende filmfragmenten opgezocht. Je vindt ze hieronder, maar eerst een kort stukje over de wetenschap van Hoop.

Wat zegt de wetenschap over hoop?

Sinds enige decennia houdt de wetenschap zich met hoop bezig. Waar dit aanvankelijk neerkwam op het reduceren van wanhoop of hopeloosheid vanwege het verband met suïcide en depressie, is met de komst van de positieve psychologie het accent verschoven naar het stimuleren en cultiveren van hoop an sich. Zo vonden de onderzoeker Ai en zijn collega’s bij onderzoek naar oorlogsvluchtelingen dat er een verband is tussen het hebben van hoop en posttraumatische groei (i.e. sterker uit moeilijke situaties komen). De medisch specialist en onderzoeker Jerome Groopman omschrijft hoop als ‘het positieve gevoel dat we ervaren als we mogelijkheden zien voor een betere toekomst. Hij maakt daarbij onderscheid tussen ‘hoop’ en ‘valse hoop’, waarbij in het tweede geval gevaren en risico’s niet worden gezien of erkend en in het eerste geval wel. De positieve psycholoog Charles Snyder toonde aan dat er een sterk verband is tussen optimisme en hoop.

Hoop is een reis

Hij beschrijft in zijn boek ‘the psychology of hope’ hoe je hoop kunt zien als een reis. Voor een reis zijn drie dingen nodig: een bestemming, een routekaart en een vervoermiddel. Het helpt dus als je een doel formuleert waar je naar toe kunt werken. Volgens Snyder omschrijven hoopvolle mensen dit doel duidelijker dan niet-hoopvolle mensen. Ook ‘de routekaart’ pakken zij anders aan: zij maken een gedetailleerder stappenplan met meer kleine en overzichtelijke stappen dan niet-hoopvolle mensen. Ook denken zij meer na over alternatieve routes voor als het tegen mocht zitten. Tenslotte zien hoopvolle mensen vaker zichzelf achter het stuur zitten van het vervoermiddel. Zij beseffen dat zij zelf iets moeten doen om tot verandering te komen en zijn ook in staat zichzelf te motiveren om daadwerkelijk ‘op reis te gaan’. (Bron: F. Bannink)

Mijn eigen recept voor hoop

Omdat ik hoopvol en optimistisch in het leven wil staan – juist ook in tijden van crisis –  besef ik dat ik die zaken zal moeten onderhouden. Dat doe ik door te mediteren, actief dankbaarheid te oefenen en vooral: door bewust geestelijk te consumeren. Daarmee bedoel ik dat ik sommige dingen wel in mijn hoofd stop en anderen dingen niet of met mate. Zo kijk ik beperkt naar het actuele nieuws en lees ik liever de opbouwende analyses en achtergronden op de Correspondent. Ik kijk naar comedy om mijn humor-spier te blijven trainen. Ik lees over oosterse en westerse filosofie en ontdek ideeën die de tand des tijds (en vele epidemieën) hebben doorstaan. Ik kijk en lees mensen die mij inspireren.

Wat geeft jou een beetje hoop? Laat het weten in een comment hieronder!

Wil je ook hoop verspreiden? Deel dan ajb deze blog met je netwerk!

Wil je zelf groeien in hoop, optimisme en veerkracht? Schrijf je dan in voor onze gratis cursus positieve psychologie!

Vijf filmfragmenten over hoop

Face Covid

Kijk naar deze animatie van ACT-goeroe Russ Harris die wijze tips geeft om mentaal met COVID 19 om te gaan.

The school of life – How to Get Through This Crisis

Luister naar Alain de Botton die ad.h.v. passende beelden vertelt hoe we hier goed en wijs doorheen komen.

Matthew McConaughey shares message of hope amid coronavirus pandemic

Matthew vertelt je in 1.5 minuut wat we hiervan kunnen leren.

A Steady Heart in Time of Coronavirus with Tara Brach

Hier zie je hoe de wijze, grappige en compassievolle Boeddhistisch psychologe Tara Brach moed geeft aan de wereld.

Het Rotterdams Philharmonisch orkest

Zie hoe de leden van dit orkest vanuit huis, via zoom, nog steeds prachtige muziek maken.

 

 

Volgens mij vraagt deze tijd – naast moed en wijsheid – vooral om compassie:

Compassie met de zorgverleners aan de frontlinie.

Compassie met mensen die ziek zijn.

Compassie met eenzame, bange, verdrietige of zelfs rouwende mensen.

Compassie met kleine ondernemers die hun inkomen zien verdampen.

Compassie met grote gezinnen in kleine huizen.

Compassie met iedereen die ik hier vergeet.

En last but not least…. Compassie met jezelf

Zowel oude wijsheid als modern onderzoek stellen dat compassie iets is dat je kunt oefenen.

En gek genoeg begint dat bij zelfcompassie. Want hoe meer daarvan je aan jezelf kunt geven, hoe meer je vervolgens aan anderen te geven hebt. Als je eerst je eigen kopje vult, dan gaat-ie daarna overstromen…

Maar hoe doe je dat: zelfcompassie beoefenen?

Volgens Kristin Neff valt zelfcompassie uiteen in drie elementen:

1.     Vriendelijk zijn voor jezelf: behandel je zelf als een goede vriend(in). Oefen positieve zelfspraak. Verzorg je lichaam met aandacht. Vergeef jezelf voor fouten en leer ervan. Neem tijd om te ontspannen en reflecteren. Schrijf iets constructiefs in een dagboek of lucht je hart.

2.     Gedeelde menselijkheid: besef dat we allemaal in het zelfde schuitje zitten, dat wordt nu duidelijker dan ooit. Dit hoort ook bij mens zijn op deze planeet. Sterker nog: het is van alle tijden. Wij mensen hebben bovendien veel meer gemeenschappelijk dan dat we van elkaar verschillen. We willen allemaal gezond, veilig, gelukkig, geliefd en van betekenis zijn. We willen allemaal onze dierbaren beschermen. We vinden Corona allemaal spannend. Dus doe iets aardigs voor een ander, daar wordt je zelf ook blij van. Laat je inspireren door de talloze positieve initiatieven die nu overal op ploppen.

3.     Mindfulness: Oefen jezelf in een milde, open aandacht; ben aanwezig voor jezelf en /of je dierbaren, blijf zoveel mogelijk met je aandacht in het hier en nu, vergeef jezelf als dat weer even niet lukt en begin opnieuw, geniet van kleine dingen, tel je zegeningen en het moeilijkste van alles: erken je emoties: benoem ze of laat ze bewust toe in je lichaam, zodat ze kunnen komen en ook weer gaan. Herhaal eventueel de woorden: ‘Ook dit gaat voorbij’.

Als ik het zelf even zwaar heb, dan doorloop ik vaak deze drie stappen en na afloop voel ik me altijd wat lichter.

Mocht dit gedachtegoed je aanspreken, dan heb je wellicht ook plezier van onze gratis cursus Positieve psychologie.

En deel ajb deze blog of je eigen gedachten hieronder!

Stel je eens voor dat je ergens mee worstelt en op zoek bent naar een coach. Waarschijnlijk hoop je dat je toekomst er anders uit gaat zien dan je heden, want waarom zou je anders naar een coach op zoek gaan? Je zoekt wat op internet en je ziet dat je kunt kiezen uit twee coaches bij jou in de buurt: coach A en coach B.

Coach A belooft je dat je dat je na een aantal sessies veel meer inzicht zult hebben in jezelf en / of de oorzaak van je problemen. Hij/zij werkt onder andere met gevalideerde vragenlijsten en een inzicht gevende methode van gespreksvoering. Helaas kan coach A niet garanderen dat je probleem zal verdwijnen en / of dat je gewenste toekomst dichterbij zal komen.

Coach B belooft je dat je na de eerste sessie waarschijnlijk meteen al dingen anders zult aanpakken en dat je na een aantal sessies duidelijk op weg bent naar je gewenste toekomst. Helaas kan coach B niet garanderen dat je meer inzicht zult krijgen in jezelf en/of de oorzaak van je problemen.

En nu komt-ie: met welke coach ga je in zee?

Zelf heb ik – na ervaringen met beide typen hulpverleners n.a.v. een burn-out in 2008 – een duidelijke voorkeur ontwikkeld voor het type B.

En natuurlijk kan dat voor jou anders zijn.

Leidt inzicht tot actie?

Toch wil ik je hierover even laten nadenken. Een aanname die ik veel tegen kom is dat inzicht leidt tot actie. Oftewel: als de coachee maar voldoende inzicht heeft in zichzelf en/of de oorzaak van problemen, dan zal hij/zij wel in actie komen om dingen te veranderen. Hiervoor is bij mijn weten geen enkel bewijs te vinden. Sterker nog: het is een bekend fenomeen dat sommige cliënten van therapeut naar therapeut hoppen in een eindeloze zoektocht, zonder daadwerkelijk dingen te veranderen. Een vergelijkbaar fenomeen is ‘Parallysis Analysis’, dat zoveel betekent als: ‘verlamming’ door te veel piekeren over de oorzaak van je problemen. De centrale vraag hierbij is vaak: ‘wat is er mis met mij?’ Je kent vast wel iemand in je omgeving die daar aan lijdt.

Of leidt actie tot inzicht?

Persoonlijk ben ik er van overtuigd geraakt dat de omgekeerde aanname minstens zo waar is en in elk geval veel pragmatische waarde heeft: actie leidt tot inzicht! Stel dat een coachee genaamd Anna nogal sub-assertief is en dus iedereen wil pleasen en veel te vaak ‘ja’ zegt. Dikke kans dat ze ook een beetje moe is geworden van al dat pleasen. Als Anna na een eerste coachgesprek met coach B besluit om af en toe eens ‘nee’ te gaan zeggen, dan is zij in elk geval in actie gekomen. Dat is op zich natuurlijk al prachtig, maar er gebeurt nog meer. Anna is nu aan het leren van wat wel en niet werkt in het proces van assertiever worden. Ze merkt dat ze best in staat is om ‘nee’ te zeggen. En dat sommige mensen zeggen: ‘geeft niks, dan zoek ik even verder’. En ja, er zullen ook mensen teleurgesteld reageren en zeggen ‘zo ken ik je niet, Anna… Dat valt me tegen van je!’ En ook dát is leerzaam.

Wennen aan Anna 2.0

Kennelijk moeten andere mensen ook wennen aan Anna 2.0. En als ze hierin blijven hangen, dan zijn ze misschien wel erg op zichzelf gericht en hebben ze weinig interesse in Anna’s welzijn. Dit is voor Anna natuurlijk niet prettig om te ontdekken, maar wel degelijk leerzaam. En als Anna volhoudt – onder aanmoediging van de coach – dan zou ze na een tijdje zomaar kunnen ontdekken dat Anna 2.0 prima in staat is om bij zichzelf te checken of ze ‘ja’ of ‘nee’ wil zeggen en bovendien voet bij stuk te houden als dat nodig is. Ook zal ze merken dat het erbij hoort dat ze zich soms een beetje schuldig voelt, bijna alsof haar gevoelsleven óók nog een beetje moet wennen. Zie je hoeveel inzicht Anna – als onverwachte bonus – opdoet door eerst in actie te komen?

Wie is coach B?

En nu de hamvraag: hoe lukt het coach B om zijn of haar coachee zo snel in beweging te krijgen? Welnu, dat kan op verschillende manieren. In elk geval kan coach B zowel een provocatieve als een oplossingsgerichte coach zijn. Beide typen coaching staan erom bekend dat de coachee heel snel in actie komt en dat er nauwelijks tot geen tijd wordt besteed aan ‘graven in het verleden’ of ‘zoeken naar verklaringen’. En bij beide typen coaching is er een voorkeur voor de aanname: Actie leidt tot inzicht. Een Oplossingsgerichte coach zal die aanname in de praktijk brengen door eerst samen een aantrekkelijke stip aan de horizon te creëren. Wellicht zegt Anna daarover het volgende: ‘Ja, ik zou heel blij zijn als ik wat meer energie zou hebben, meer tijd voor mezelf en meer regie over mijn leven… en ik denk dat ik daarvoor moet leren om mijn grenzen beter te bewaken’. Vervolgens zou de Oplossingsgerichte coach op zoek gaan naar momenten dat dat Anna al een heel klein beetje lukt en stap voor stap dit succes gaan uitbouwen op een manier die bij Anna past.

En nu provocatief…

Een Provocatieve coach heeft exact hetzelfde doel, maar pakt het wat onorthodoxer aan. Die zou Anna misschien uitdagen om in het hier en nu al haar grenzen te gaan bewaken. Misschien door er expres een klein beetje over heen te gaan, maar altijd met een liefdevol plagende basishouding en een ondeugende twinkeling in de ogen. Dat zou zo kunnen klinken: ‘Anna voor je verder gaat… Ik merk opeens dat ik wat dorst heb… en eigenlijk ben ik ook heel moe opeens… zou jij even wat water voor mij willen halen in de keuken?’ Als Anna dit doet, dan zal de coach misschien nog een stapje verder gaan, net zo lang tot Anna zegt: ‘Ja, ho eens even! Nu is het genoeg!’ Zo hebben provocatieve coaches in de praktijk al verzoeken gedaan tot: opruimen van bureau’s, verplaatsen van dozen, vertellen van een goede mop, etc. Het mooie hiervan is dat de coachee op speelse wijze in het hier-en-nu wordt verleid tot een informeel rollenspel. Voor hij of zij het doorheeft is ‘de oefening’ voorbij en is het succes al behaald.

“Dit gesprek mag wel op Youtube, toch?” 

Onlangs coachte ik een man die graag wat assertiever wilde worden en met wie ik eerder ook al provocatief had gewerkt. Laten we hem Thomas noemen. Toevallig was het zo dat ik meteen na hem nog een coachee had, met wie ik de afspraak had dat ik de sessie mocht opnemen op video. Daarom stonden de camera en lampen al klaar, vol gericht op zijn stoel. Toen Thomas binnen kwam en verbaasd naar de camera keek, antwoordde ik doodleuk: ‘Oh, ja, ik wilde ons gesprek  even op nemen… Voor op Youtube… Marketing enzo… Dat vind je wel goed, toch?’ Tot mijn verbazing vond hij het nog  goed ook, terwijl het natuurlijk niet in de haak was wat ik deed. Daarom ging ik nog een stapje verder: ‘Ok, zei ik, maar dan moet je wel een heel gewillige coachee spelen… Anders is het natuurlijk geen goede reclame voor mij…’ Het duurde even, maar uiteindelijk kwam hij – gelukkig – in verzet en zei: ‘Ja eh, sorry, hoor, maar eh… het gaat hier toch om mij?’ Pas toen ik met een knipoog zei dat ik dat wel een beetje egoïstisch van hem vond viel er een kwartje bij hem. Achteraf zei hij dat hij deze ‘real-life oefening’ erg leerzaam vond. En natuurlijk heb ik geen opnames op Youtube gezet.

Absurde verklaringen

Zowel bij Oplossingsgericht als bij provocatief coachen stimuleer je enorm het creatieve denkvermogen van de coachee. Bij Oplossingsgericht coachen doe je dat onder andere door de coachee in een ontspannen en optimistische stemming te brengen, te onderzoeken wat al werkt en hier creatief op voort te bouwen. De provocatieve coach doet het ook hier nogal onorthodox, namelijk door allerlei verklaringen en oplossingen voor het probleem te geven, maar… alléén absurde! Dit werkt het beste als de coachee ook vraagt om een verklaring of oplossing. Hij krijgt dus wat-ie vraagt, alleen net een beetje anders. Gek genoeg heeft dit vaak een soort brainstorm-effect op de coachee: die komt zelf op nieuwe, creatieve oplossingen.

Bij coachees die assertiever willen worden, zoals Anna of Thomas, zou je bijvoorbeeld kunnen denken aan speels-absurde-verklaringen-met-knipoog, zoals:

  • ‘Het is vast je spirituele karma om gewoon heel erg dienend door het leven te gaan… Dat is toch prachtig!’
  • ‘Waarschijnlijk ben jij al heel pleasend en onderdanig geboren… Heb je ooit gehoord dat je als baby al zelf je luiers probeerde te wassen? En liever de fles had dan borstvoeding om je moeder te ontzien?’
  • ‘In een vorig leven was jij vast een hele gemene grootgrondbezitter die zijn onderdanen afbeulde… en in dit leven moet je daarvoor boeten…  pech voor jou, maar wel heel rechtvaardig!’

Absurde oplossingen

Doordat de verklaringen zo absurd zijn, komt je coachee vaak snel tot het inzicht dat-ie zo niet verder gaat komen. En bijna als vanzelf dient dan de vraag naar een oplossing zich aan. Ook die kan hij krijgen, maar uiteraard wel met een knipoog:

  • Zeg gewoon standaard: het spijt me, maar dat doe ik nooit op donderdag. Zo hoef je alleen maar te onthouden welke dag van de week het is… Dat kan zelfs zo iemand als jij!’
  • ‘Eet de hele dag cup-a-soup en roep steeds als iemand je kamer binnenkomt: ‘Nú even niet!’
  • ‘Maak een T-shirt met de tekst: ‘Zie ik er soms uit als een pleasende, onderdanige sukkel?’

Op de één of andere wonderlijk wijze triggert dit vaak een gezonde reactie bij de coachee: ‘Wat een onzin! Dan kan ik nog beter gewoon rustig en duidelijk ‘nee’ zeggen… Of aangeven dat ik er even over na wil denken!

Hierop kun jij als coach weer reageren met: ‘Ja, zeg, als het zo makkelijk was… Dan had je het al gedaan… Dus eh… dat kun jij toch niet!’. Hier ga je mee door totdat de tijd op is of de coachee zegt: ‘Genoeg van die onzin! Ik zal je bewijzen dat ik prima voor mezelf kan opkomen!’

Waarop jij als coach kunt zeggen: ‘Nou.. ik moet het nog zien, maar vooruit… Op hoop van zegen dan maar!’

Meer weten over Provocatief coachen? Kijk eens hier.

Meer weten over Oplossingsgericht coachen? Kijk eens hier.

Wil je reageren op deze blog? Laat hieronder een comment achter!

Vond je deze blog leuk of nuttig? Please share!

 

In 2009 vroeg ik aan William Miller, één van de grondleggers van motiverende gespreksvoering, of je bij bij deze methode ook humor mocht inzetten. Ik had namelijk zelf provocatief coachen geleerd voordat ik in aanraking kwam met motiverende gespreksvoering en ik vermoedde dat bij beide methoden – hoewel heel verschillend – soortgelijke processen speelden. Zijn antwoord was een tegenvraag: ‘Komt er verandertaal op gang als je dat doet? Zo ja, dan is het prima.’ Omdat dat in mijn ervaring inderdaad vaak gebeurt wil ik dat eens onderzoeken om zo een steentje bij te dragen aan het nog beter onderbouwen van de kracht van provocatief coachen.

Voor mensen die motiverende gespreksvoering nog niet kennen, eerst een korte toelichting. Motiverende gespreksvoering is een bewezen effectieve gespreksmethode, afkomstig uit de verslavingszorg. Als je motiverende gespreksvoering (MGV) toepast, dan ben je je terdege bewust van een aantal dingen.

1. Ambivalentie: je weet dat mensen vaak ambivalentie ervaren ten aanzien van de verandering; zij hebben tegelijkertijd redenen om wel én om niet te veranderen. Denk maar aan iemand met een verslaving; het brengt hem wat, vooral op de korte termijn en het kost hem heel veel, maar ach, dat merk je pas op de lange termijn.

2. De reparatiereflex werkt averechts: je weet dat als je mensen probeert te overtuigen van het belang van verandering, (dit noemen we ‘de reparatiereflex’) dat zij bijna automatisch jou gaan overtuigen van het tegendeel. De taal die je dan hoort heet ‘behoudtaal’ en maakt de kans op verandering juist kleiner, want de coachee overtuigt op dat moment zichzelf van het belang om niet te veranderen: ’Maar ik heb alcohol nodig om me te ontspannen!’

3. Verandertaal: je wilt dus andere taal ontlokken, namelijk verandertaal; dit betreft alles wat de coachee zegt dat pleit vóór verandering of tegen de huidige gang van zaken: ‘Ik maak me wel zorgen over mijn alcohol-gebruik, want…’ Op de een of andere manier overtuigt de coachee nu zichzelf van het belang van verandering.

4. Basishouding: om verandertaal te kunnen ontlokken heb je een bijzondere basishouding nodig. Je streeft er dan ook altijd naar om zo goed mogelijk oordeelsvrij, compassievol en geïnteresseerd te zijn en waar mogelijk de samenwerking te zoeken. Daarnaast dien je de juiste vragen te stellen, de coachee te bevestigen en heel actief te luisteren – op zoek naar verandertaal.

Tot zover deze ultra-korte samenvatting. Als MGV nog nieuw voor je is, dan kun je hier een gratis Ebook downloaden en meer lezen.

Ambivalentie werkt als een wip-wap!

Laten we het begrip ‘ambivalentie’ eens nader onderzoeken. Een treffend beeld voor ambivalentie ken je al sinds je de Donald Duck las: een persoon met een engeltje en een duiveltje boven beide schouders. Als we even bij het voorbeeld blijven van iemand met een alcoholprobleem, dan kun je je voorstellen dat het engeltje dingen zegt als: ‘Stop nu toch met die alcohol, het maakt je nog kapot! Je verwoest je gezondheid, je relaties, je dromen, kortom: je leven!’

Het duiveltje zegt juist dingen als: ‘Lang leve de lol! Zonder alcohol is het leven maar saai. Je moet toch ook kunnen ontspannen en genieten van het leven!’

Het bijzondere is nu, dat ambivalentie werkt als een wip-wap. Als jij als hulpverlener/coach in de reparatiereflex schiet en dus engeltjes-achtige dingen gaat zeggen, dan kun je er vergif op innemen dat de coachee het duiveltje gaat verwoorden. Dan krijg je dus behoudtaal en overtuigt de coachee zichzelf van de noodzaak om niet te veranderen, weet je nog?

Goed nieuws voor provocatieve coaches

Het goede nieuws voor provocatieve coaches is nu dat dit óók de andere kant op werkt! Je kunt als coach – liefdevol plagend en met een twinkeling in je ogen – het duiveltje gaan verwoorden. Wat er dan gebeurt is heel wonderlijk: omdat dit vaak dingen zijn die de coachee zelf ook denkt, voelt hij zich op een bijzondere manier begrepen. Tegelijk is het ook een beetje verwarrend, omdat een hulpverlener of coach normaal gesproken niet dit soort dingen zegt. Uit de hypnotherapie weten we dat verwarring gunstig is; het is een beetje alsof je de grond omploegt, zodat er weer nieuwe zaadjes in kunnen. Maar het mooiste is: de kans is heel groot dat de coachee nu verandertaal gaat spreken; hij gaat dus zelf vóór verandering pleiten (‘Ik wil stoppen/minderen met alcohol, omdat…’) en tegen het huidige, ongezonde gedrag (‘Het maakt mijn leven stuk’).

Een provocatief gesprekje dat ik ooit voerde ging ongeveer als volgt:

Coachee: Mensen zeggen dat ik te veel alcohol drink…

Coach: Ja, weet je, mensen zeggen zoveel…

Coachee: Nou, misschien hebben ze wel een punt…

Coach: Ik weet niet welke azijnpissers dat zeggen, maar ik weet wel dat een beetje alcohol op zijn tijd de feestvreugde verhoogt, niet waar?

Coachee: Ja, okee, een beetje alcohol op zijn tijd… Maar ik drink elke dag!

Coach: Nou en? Dan heb jij gewoon elke dag plezier, toch?

Coachee: Ja, wacht even, zit je me nu in de maling te nemen?

Coach: Hoe zo? Wil je soms beweren dat jij dit niet zelf ook denkt?

Coachee: Ja wel, maar op deze manier word ik niet oud.

Coach: Ja, niet oud… je weet sowieso niet hoe oud je wordt als mens… Straks stop je met drinken en dan kom je onder een tram!

Coachee: Wat een onzin! Volgens mij kom ik eerder onder een tram als ik blijf drinken… Nee, ik wil het echt anders gaan doen vanaf nu.

Coach: Hoe dan? Alleen op feestjes drinken? Dat lukt je toch niet!

Coachee: Nou, misschien wel helemaal stoppen. In elk geval voor een tijdje.

Coach: Ja ja, een tijdje… voor twee dagen zeker… drinken na elke werkdag en dan tijdens het weekend even rustig aan doen…

Coachee: Haha, heel grappig… Nee, twee dagen zet geen zoden aan de dijk. Ik denk minstens aan 6 maanden.

Coach: Een half jaar, toe maar!

Tot zover het gesprekje… Heb je de verandertaal opgemerkt?

Verschillende soorten verandertaal

Nu bestaan er wel zeven verschillende soorten verandertaal, maar als ik het even heel simpel houd kom ik op deze drie:

1. Willen: alles wat de coachee zegt te willen ‘in de gezonde richting’

2. Kunnen: alles wat de coachee zegt, dat getuigt van zelfvertrouwen

3. Er klaar voor zijn: alles wat de coachee zegt, dat getuigt van ‘readiness’ (gereedheid).

Als je MGV inzet probeer je die talen te ontlokken, o.a. door bepaalde vragen te stellen en reflectief te luisteren.

Als je provocatief werkt doe je dit door de coachee – vanuit goed contact, liefdevol plagend en met een twinkeling in je ogen – te ‘overtuigen’ van het omgekeerde van deze drie zaken.

 

Provocatief coachend zeg je dingen als:

1. Waarom zou je dat in vredesnaam willen? Ik kan zo tien redenen bedenken waarom dat een slecht idee is. Heb je er bijvoorbeeld aan gedacht hoe chagrijnig jij dan wordt voor je huisgenoten? Etc. etc.

En met frisse tegenzin laat je je overtuigen door de verandertaal van de coachee. Vervolgens zeg je dingen zoals:

2. Okéé, je wilt het… vooruit… maar even heel eerlijk: je gelooft toch zeker niet echt dat je dat voor elkaar kunt krijgen?

En opnieuw laat je je met gezonde tegenzin overtuigen door de coachee. En tenslotte zeg je dingen als:

3. Oké, oké, je wilt het en je zegt dat je het kunt… Maar eh… toch niet nu, zeker? Loop nu niet te hard van stapel! Het lijkt me echt verstandig als je jezelf eerst grondig voorbereidt hierop zodat je straks – over een jaar of drie – goed beslagen ten ijs komt!

En dan rond je af met een vriendelijk: ‘Nou… het zal mij benieuwen…’

Tot zover deze verkenning van een raakvlak tussen PC en MGV. In de toekomst volgen nog blogs die het raakvlak verkennen met oplossingsgericht coachen en met ACT.

Nieuwsgierig geworden?

Voel je de kracht van de verbindende humor en speelse uitdaging die hierin zit? Smaakt het naar meer? Neem dan eens een kijkje bij de vijfdaagse training Provocatief coachen die twee keer per jaar start!

In deze unieke training krijg je een grondige basis in het Provocatieve coachen aangereikt op een manier die heel dicht blijft bij ‘evidence-based coaching practice’. We zullen namelijk verbanden leggen met Motiverende gespreksvoering, Oplossingsgericht coachen en Acceptance and Commitment Therapy (ACT). Voor zover ik weet zijn wij de enige in Nederland, misschien wel ter wereld, die dit aanbieden. Iets voor jou? Weet dat je welkom bent, precies zoals je bent!

Ooit coachte ik een zeer intelligente en verzorgd uitziende, homoseksuele man. Laten we hem ‘Jack’ noemen. Jack vertelde dat hij graag een vriend wilde, maar eigenlijk niet bereid was om daar moeite voor te doen – met als resultaat dat hij nu al jaren alleen was. Aanvankelijk vond hij dat prima, maar nu hij ouder werd, begon hij hier toch wel moeite mee te krijgen. Hij had gezien dat ik als provocatief coach actief was en had me hier speciaal op uitgekozen: ‘Ik wil graag een stevige aanpak, want dat softe gedoe werkt toch niet bij mij’. Ik vond het wel een mooie uitdaging, dus ik stelde voor om op korte termijn af te spreken in het Coachhuis.

Als je mij kent, dan weet je hoe belangrijk ik het vind om evidence-based te coachen. Er wordt namelijk nog veel te vaak ineffectief gecoacht: achterhaalde psychologische ideeën, eenzijdige kennisoverdracht, ineffectieve vragen stellen, oordelen, ongevraagd adviseren, de reparatiereflex…

Soms zie ik mensen zelfs dingen doen waarvan ik weet dat ze averechts werken en dat is jammer, want het gaat wel over mensenlevens en de wetenschap heeft inmiddels méér dan genoeg bewijs in handen om ons te informeren over ‘wat werkt’ in coaching.

Begin dit jaar verscheen bijvoorbeeld het mooi vormgegeven en inhoudelijk sterke boek Evidence-based coachen. Geschreven door de psychologen Pieternel Dijkstra en Eefje Rondeel

Hierin worden beknopt vier methoden beschreven, waarvan wij er in drie training geven: Motiverende gespreksvoering, Oplossingsgericht coachen, Acceptance and Commitment Therapy (ACT).

In het voorwoord van dit boek staat echter:

‘Andere methoden, zoals provocatief coachen, komen niet aan bod in dit boek. Dat wil niet zeggen dat deze in de praktijk niet zouden werken, maar wel dat er nog niet voldoende empirisch bewijs bestaat voor de effectiviteit ervan’.

Ik ben het uiteraard volledig eens met beide auteurs en toch ben ik óók een enorme fan van Provocatief coachen… Hoe leg ik dat uit? Ik heb daar drie goede redenen voor:

Provocatief coachen was mijn eerste grote liefde…

Laat ik heel eerlijk beginnen: Provocatief coachen is mijn eerste grote liefde op coachgebied… Ik leerde haar kennen vóór de andere genoemde methoden. En je weet wat ze zeggen: je eerste liefde vergeet je nooit meer.

Ten tweede geloof ik niet dat er een methode bestaat die altijd en overal de beste keuze is. Ik geloof sterk in ‘the right tool for the job’. In het verleden heb ik vaak mee gemaakt dat ik niet verder kwam met één van de genoemde methoden en dat het een provocatieve interventie was die de boel weer losmaakte.

Ten derde ben ik ervan overtuigd dat óók als je al effectief coacht, je enorm je mindset en toolbox kunt verrijken met een gezonde dosis provocatieve psychologie. Al is het maar om ook zelf als coach veerkrachtiger te worden en minder bang om fouten te maken.

Andersom geloof ik dat provocatieve coaches nog effectiever worden als ze de werkzame elementen van de genoemde evidence-based methoden leren kennen en inzetten.  De verschillen zijn namelijk niet zo groot als ze soms lijken.

Provocare, latijn voor: ‘naar voren roepen’

Alle genoemde methoden hebben namelijk wortels in de humanistische psychologie en met name in het werk van Carl Rogers. Ook al lijkt het niet altijd zo: óók een provocatieve coach werkt – als het goed is – vanuit onvoorwaardelijke acceptatie van de coachee als persoon. Een andere mooie overeenkomst vinden we in het woord provocare dat latijn is voor ‘naar voren roepen’, oftewel: ontlokken. Bij alle genoemde methoden gaan we ervan uit dat alles wat de coachee nodig heeft om te veranderen al in hem of haar aanwezig is: motivatie, wijsheid, kracht, creativiteit, de mogelijkheid om dingen te leren. Dit alles geldt zeker ook voor provocatieve coaching, alleen vindt het ontlokken op andere wijze plaats: niet zo zeer door vragen te stellen, maar door de coachee liefdevol te plagen en humorvol uit te dagen.

Ik neem je graag mee naar mijn eerste gesprek met Jack om je te laten zien hoe bijna als vanzelf de werkzame elementen van de genoemde evidence-based methoden in het gesprek naar voren kwamen.

(NB: Moeilijk in geschreven tekst over te brengen, maar wel essentieel is dat je als provocatief coach altijd werkt vanuit de magische mix van warm contact, humor en uitdaging.  Als het goed is, kan de coachee dit voelen en vaak ook zien aan de twinkeling in je ogen.)

Zo te horen ben jij het best bewaarde geheim van de gay-scene…

Bij motiverende gespreksvoering streef je ernaar om verandertaal te ontlokken, zodat de coachee zichzelf overtuigt van de noodzaak tot verandering. Verandertaal betreft dus alle uitingen van de coachee die pleiten vóór verandering of tegen de huidige gang van zaken.

Nadat ik met Jack had kennis gemaakt en er een prettig en ontspannen contact was ontstaan legde ik nog eens kort uit wat je van provocatieve coaching mag verwachten. ‘Dat is precies wat ik zoek’, antwoordde hij. Snel checkte ik bij mezelf of ik onvoorwaardelijke acceptatie voor deze man kon opbrengen. Dat lukte prima, dus nu kon ik aan de slag!

Mijn eerste provocatieve interventie klonk als volgt:

‘Zo te horen ben jij gewoon het best bewaarde geheim van de gay-scene. Ze moeten jou echt komen zoeken. En jij verstopt je niet in een darkroom, maar gewoon in je designappartement. Dat is nog eens playing hard to get.’ Daarop zei hij: ‘Ja, ja, stop maar. Ik weet het: ik moet eropuit als ik iemand wil vinden. Op deze manier wordt ik eenzaam oud en dat lijkt me geen fijn perspectief…’

Zie je de verandertaal ontstaan?

Vervolgens hemelde ik de ‘voordelen’ op van het kluizenaarsbestaan en werd hij op zijn beurt steeds stelliger in zijn uitspraken dat hij nu toch écht in actie moest komen.

Misschien kunnen we een soort Expedition Jack organiseren!

Als oplossingsgericht coach streef je ernaar dat de coachee zelf een aantrekkelijk en haalbaar doel verwoordt en vervolgens hardop nadenkt over oplossingen, mogelijkheden, positieve uitzonderingen, dingen die al werken, hoopgevende signalen, kleine stappen, etc. Een prachtige methode, maar wat doe je als de coachee steeds een oplossing van jou wil horen? Een provocatieve manier om hiermee om te gaan is dat je de coachee geeft waar hij om vraagt, maar dan net even anders: je biedt dan wel oplossingen aan, maar alléén absurde…

Dit heeft vaak het effect van een brainstorm en zorgt er voor dat de coachee zelf met realistische oplossingen komt.

Zo opperde ik in het gesprek met Jack:

‘Misschien kunnen we een soort ‘Expedition Jack’ organiseren, waarbij we jou verstoppen op een onbewoond tropisch eiland, en dat knappe BN’ers dan allerlei moeilijke opdrachten moeten doen om uiteindelijk jou als prijs te kunnen winnen. Dat zou nog weleens een kijkcijferkanon kunnen worden ook! Wat zeg je van dit fantastische idee?’

Hierop antwoordde hij: ‘Wat een onzin. Dan kan ik nog beter gewoon een leuke contactadvertentie plaatsen.’

Ik: ‘Ja, maar wat als er niemand op reageert?’

Hij: ‘Ja, dat is dus mijn angst… Misschien moet ik iets gaan doen waarbij ik op een ontspannen manier nieuwe mannen leer kennen…’

Ik: ‘Dat klinkt leuk, maar heb je dat wel in je?

Hij; ‘Rotzak! Natuurlijk heb ik dat in me! In mijn werk doe ik niet anders!’

Zie je de oplossingen en het toenemende zelfvertrouwen? Zo verkenden we verschillende mogelijke oplossingen. En toch ontbrak er nog iets…

‘Waarschijnlijk moet ik aanvaarden dat liefde niet bestaat zonder pijn…’

Je kent vast wel de beroemde Serenity Prayer: “Geef mij de kalmte om te aanvaarden wat ik niet kan veranderen, de moed om te veranderen wat ik kan veranderen, en de wijsheid om het verschil hiertussen te zien.”

Zowel bij ACT als bij provocatief coachen stimuleer je dat mensen veranderen wat ze niet kunnen accepteren en accepteren wat ze niet kunnen veranderen. Welke keuze ze daarbij maken is uiteraard aan hen; jij bent hier slechts de gids.

Als provocatief coach kun je dit doen door op uitdagende wijze te stellen dat een probleem volstrekt onoplosbaar is en vervolgens de coachee met een twinkeling in je ogen aankijken. Het is heel wonderlijk wat er dan gebeurt. De ene coachee legt zich erbij neer en zegt: ‘Tsja, misschien moet ik inderdaad accepteren dat dit bij mijn leven hoort… En de andere coachee veert op en reageert met vechtlust: ‘dat zullen we nog wel eens zien!’ En soms gebeurt er iets nog mooiers: de coachee ‘vindt de wijsheid om het verschil te zien’:

Ik: ‘Ja, Jack, als het zo makkelijk was, dan had je dat natuurlijk al lang gedaan! Nee hoor, ik vrees dat jij gewoon eenzaam en alleen oud zult worden. Ik denk dat je dat gewoon zult moeten accepteren… (twinkel, twinkel)’

Jack (hoofdschuddend): ‘Nee… Nee, dat kan ik niet accepteren. Ik denk dat het probleem dieper ligt… Waarschijnlijk kan ik gewoon heel slecht omgaan met afwijzing… Ik moet er niet aan denken dat ik naar een leuke man uitreik en dat hij mij afwijst… Maar ja, kennelijk hoort dat er bij… Waarschijnlijk moet ik aanvaarden dat liefde niet bestaat zonder pijn…’

Zie je de wijsheid ontstaan? En het mooie is: die komt hier van de coachee en niet van de coach!

Hopelijk heb ik je met deze blog geïnspireerd om wat vaker de magische mix van warm contact, humor en uitdaging in te zetten!

Mocht je willen investeren in je verdere ontwikkeling als coach, overweeg dan eens deel te nemen aan onze vijfdaagse training Provocatief coachen! Daarin leer je provocatief coachen vanaf de basis, maar ook zullen wij diverse linken leggen met de genoemde evidence-based coachmethoden. Voor zo ver ik weet is dit uniek in Nederland en Vlaanderen (misschien zelfs in de wereld… ;o)

Vond je deze blog leuk en/of nuttig? Please like or share!

Oh ja, je wilt natuurlijk weten hoe het met Jack afliep… Toen we de coaching afrondden had hij verschillende dates gehad. Zijn grote liefde had hij nog niet ontmoet, maar wel had hij zijn grootste angst (die voor afwijzing) inmiddels voldoende overwonnen om verder te gaan op het ingeslagen pad…

Vannacht – ik lag toch wakker – las ik het nieuwe boek van Rutger Bregman uit: ‘De meeste mensen deugen’. Laat ik beginnen met de loftrompet te blazen voor het vijfde boek van deze jonge historicus (hij is 31). Het is lang geleden dat ik weer eens zo gegrepen was door een non-fictie boek. Omdat Bregman je meeneemt bij zijn eigen ontdekkingstocht leest het als een avonturenroman. Bovendien weet hij moeiteloos inzichten te verbinden uit de psychologie, biologie, antropologie, archeologie en economie. En het mooiste is: daar komt een mensbeeld uit naar voren dat wat mij betreft realistisch is en tegelijk zeer hoopgevend. En een beetje hoop kunnen we best gebruiken!

Natuurlijk is er ook kritiek op zijn boek

Dat is ook te verwachten als iemand de moed heeft om een aanname ter discussie te stellen die onder zo’n beetje alles ligt wat we doen. Die aanname kun je samenvatten als: ‘de meeste mensen deugen niet’. En daarom moeten we blijkbaar alles voorkauwen, bureaucratiseren en controleren. Helaas leidt dit er ook toe dat de creativiteit, de intrinsieke motivatie en de levenslust soms ver te zoeken zijn. Bregman citeert een OESO onderzoek dat stelt dat Nederlandse leerlingen het minst gemotiveerd zijn van alle onderzochte landen. Best zorgelijk en waarschijnlijk ook herkenbaar voor veel docenten. Over de kritiek: ik heb er drie tot mij genomen en weet je wat me opviel? Alle drie de auteurs hadden duidelijk zijn boek niet gelezen, hooguit de proloog. Tsja, dat is wel een beetje makkelijk.

En wat is dan die ontdekkingstocht van Bregman?

Je hebt vast weleens gehoord van bekende psychologische onderzoeken, zoals het Stanford Prison experiment, de elektrische schokken van Stanley Milgram en het Bystander effect n.a.v. de moord op Catherine Genovese. Welnu, al die onderzoeken zijn door kritische wetenschappers opnieuw onder de loep genomen en Bregman neemt je mee naar wat daar werkelijk gebeurde. Het Prison Experiment blijkt meer weg te hebben van een geënsceneerd toneelstuk. Bij de schokken-machine geloofde meer dan de helft van de proefpersonen niet dat de schokken echt waren. Catherine Genovese kreeg wel degelijk moedige hulp van een buurvrouw, zij het te laat. En onderzoek van de Deense sociaal psychologe Lindegaard n.a.v. beveiligingscamera’s in grote wereldsteden laat zien dat in 90% van de gevallen mensen elkaar juist wel helpen! Misschien zag dat er ongeveer zo uit:

The lord of the flies, maar dan in het echt…

Helemaal smullen wordt het als Bregman beschrijft hoe hij een echte ‘Lord of the Flies’ op het spoor komt. In dit beroemde, fictieve boek spoelen een aantal jongens aan op een onbewoond eiland… En veranderen uiteindelijk in wilde dieren… aldus de korte versie. Bregman vraagt zicht echter af of zo iets misschien ooit in het echt gebeurd is en neemt je mee op zijn zoektocht. Uiteindelijk ontmoet hij in Brisbane de heren op leeftijd Mano Totau en Peter Warner. Mano Totau was één van de zes jongens die in 1965 met een gestolen vissersboot aanspoelden op het eiland ‘Ata in de Stille Oceaan en Peter Warner was de man die hen 14 maanden later aantrof in goede gezondheid en samenlevend in volmaakte harmonie. Het verhaal leest als een sprookje en Bregman zegt hierover: het werkelijke verhaal zou te zoet zijn voor Hollywood.

Klopt ons mensbeeld nog wel?

Het zijn onder andere dit soort onderzoeken en verhalen die ons mensbeeld hebben gevormd. Oh ja en het nieuws natuurlijk, dat we dagelijks krijgen voorgeschoteld en dat alles behalve representatief is voor het dagelijkse leven van de mensheid als geheel. En dan heb ik het nog niet eens over het ‘Filter-bubbel-effect’ waarbij we door de algoritme’s van sociale media voortdurend worden bevestigd in ons eigen gelijk. Zo vind jij het vast óók moeilijk om te geloven dat de wereld nog nooit zo veilig is geweest als nu. Toch laten cijfers zien dat dit het geval is. Uit Bregman’s boek komt dan ook een heel ander mensbeeld naar voren dan waar velen van ons in geloven, namelijk dat van een door en door sociaal en intrinsiek gemotiveerd dier dat waarschijnlijk het resultaat is van de ‘Survival of the friendliest’.

Voor de helderheid: dit is niet een verzinsel van Bregman. Zowel de psychologie, de biologie als de archeologie ontwikkelden de laatste decennia steeds meer consensus in de richting van dit hoopgevende mensbeeld en weten dit ook nog te onderbouwen. Bregman schuwt trouwens ook de moeilijke onderwerpen niet, zoals oorlog, corruptie, racisme en terrorisme. En ook daar blijkt de realiteit vaak anders dan je zou verwachten. Zo blijkt de gemiddelde soldaat het erg moeilijk te vinden om een tegenstander neer te schieten. Kortom: het lijkt erop dat ons mensbeeld aan een update toe is: waarschijnlijk deugen de meeste mensen. Helaas haalt dat zelden de media, want goed nieuws verkoopt niet. En ja, soms doen mensen ook dingen die niet deugen en die krijgen helaas heel veel podium. Best gevaarlijk, trouwens, want het brengt mensen die daar vatbaar voor zijn nogal eens op slechte ideeën.

Vraag niet of het waar is, maar vraag wat het gevolg is van je aanname

Hoe overtuigend het boek van Bregman ook is, uiteindelijk is heel moeilijk te bewijzen of de mens nu deugt of niet. Voor beide stellingen zul je bewijs vinden en het is dus ook heel lastig om iemand die er anders over denkt dan jij, van het tegendeel te overtuigen. Er bestaat echter ook zo iets als het Placebo-effect en – het omgekeerde hiervan – het Nocebo effect. De dingen worden vaak waar, juist omdat we ze geloven. Verwant hieraan is de Self-fulfilling prophecy: als iedereen gelooft dat een bank zal omvallen en daarom zijn geld opneemt… Ook deze effecten onderbouwt Bregman met fascinerende verhalen. Dus wat staat ons te doen als we willen dat mensen deugen? Het antwoord is simpel en heeft desondanks nogal grote implicaties als we het echt serieus zouden nemen. Het antwoord luidt: mensen behandelen alsof ze deugen.

Wat gebeurt er als je mensen behandelt alsof ze deugen?

Ach, dit heeft alleen maar implicaties voor hoe je de maatschappij, hoe je bedrijven en hoe je scholen effectief en menswaardig inricht…

Maar weet je, ik ben geen politicus noch organisatie- of onderwijsadviseur. ‘Schoenmaker blijf bij je leest’ blijft een mooi gezegde. Ik weet echter wel iets over coachende gespreksvoering. En ook daar speelt ons mensbeeld een belangrijke rol. Ook hier is het de vraag hoe we naar de intenties én de competenties van de coachee kijken. In literatuur en trainingen over Motiverende gespreksvoering wordt vaak Goethe geciteerd:

Als je iemand behandelt zoals hij is, zal hij blijven zoals hij is, maar als je hem behandelt alsof hij is wat hij zou moeten en kunnen zijn, zal hij worden wat hij zal moeten en kunnen zijn’.

En in Oplossingsgerichte gespreksvoering wordt vaak geadviseerd om de perceptie (de eigen waarheid) van de ander te respecteren en om bij negatief gedrag een gesprek te beginnen met: ‘Je hebt vast goede redenen om…’ Het is dan ook mooi om te zien dat onder deze methoden duidelijk de aanname te vinden is die de titel is van Bregman’s boek: De meest mensen deugen. Om dit abstracte gegeven iets concreter te maken heb ik drie adviezen voor elke coachende professional. Ze zijn niet nieuw, maar krijgen in het kader van Bregman’s boek wel een geheel nieuwe lading. Ze zijn ook niet per se waar, maar ik durf te stellen dat ze wel een groot verschil maken voor hoe mensen zich bejegend voelen en hoe zij zich vervolgens gaan gedragen. En pas als echt het tegendeel blijkt is het raadzaam om je aanname te herzien. Maar in elk geval weet je dan zeker dat jij dit gedrag niet zelf hebt opgeroepen…

Hier komen ze:

1. Ga ervan uit dat die ander de waarheid spreekt, al is het zijn of haar eigen waarheid.

2. Ga ervan uit dat de ander positieve intenties heeft

3. Ga ervan uit dat de ander competent is

Conclusie

Wat is nu mijn conclusie over het boek van Bregman? Is het een must read? Nou, als je dagelijks met mensen werkt (kinderen of volwassenen) en dus ook – bewust of onbewust – je beslissingen baseert op de intenties die je die mensen toedicht, dan zeg ik: wees ondeugend, leg onmiddelijk je werk neer en loop nu naar de boekwinkel of bestel hem hier.

PS: Vond je deze blog lezenswaardig? Wil je ook hoop en optimisme verspreiden? Deel dan ajb deze blog in je netwerk of plaats een comment!