Berichten

In 2001 begon ik als trainer van ex-gedetineerden bij de Reclassering van het Leger des Heils. Vanuit een groot idealisme ging ik het gesprek aan met vele ex-gedetineerde jongeren en volwassenen met als doel hen te bewegen richting ‘een leven op het rechte pad’. Aanvankelijk vielen de resultaten tegen, maar toen ontdekte ik motiverende gespreksvoering en dat bleek een complete game-changer te zijn.

Van overtuigen naar ontlokken

Voorheen pleitte ik met veel energie voor een delict-vrij leven met argumenten als: ‘niemand wordt gelukkig van een leven vol justitie-contacten’. De standaard reactie hierop was: ‘Jij hebt makkelijk praten’ en: ‘de politie moet altijd mij hebben!’ Toen ik motiverende gespreksvoering ging inzetten begon ik beter te luisteren en andere vragen te stellen. ‘Hoe heb je je detentietijd ervaren?’ en ‘Stel dat het je lukt om op een eerlijke manier aan geld te komen, wat zou dat je opleveren?’ Opeens kwam er een ander gesprek op gang: ‘detentie was een hel… dat nooit weer!’ ‘En ja, tuurlijk kom ik liever eerlijk aan mijn geld. Dan heb ik een rustig leven zoals iedereen. Maar ja, hoe doe ik dat?’ Dat opende vervolgens de weg naar een eerlijk gesprek over mogelijkheden en stappen in de gewenste richting.

Onlangs publiceerde ik een boek over Motiverende gespreksvoering, een evidence-based methode ontwikkeld in de verslavingszorg. En hieronder geef ik je één belangrijke ‘don’t’ en vier praktische ‘do’s voor als jij effectiever wilt leren motiveren.

1.     Stop met repareren

Het gebeurt nog veel te vaak, vooral bij professionals die het coachen ‘erbij doen’: de reparatiereflex. Dit werkt als volgt: zodra er een coachee (medewerker, leerling of cliënt) voor je staat, waar in jouw ogen iets ‘mis’ mee is, dan willen we hem of haar ‘repareren’, liefst zo snel mogelijk. Net zo als een automonteur met een kapotte auto. En dus gaan we overtuigen, adviseren en oplossen. Aan je goede intentie ligt het niet, maar helaas werkt dit averechts op de motivatie. Een mens is nu eenmaal geen kapotte auto.

Als we de rollen even omdraaien, dan snap je meteen waarom dit niet werkt. Stel je zit met een lastige gewoonte. Iets ongezonds of zo. Of iets dat je veel geld kost. Drinken, roken, overwerken of gokken…

(Ik zeg: stel…  Jij hebt natuurlijk geen lastige gewoontes… )

En stel het is iets waar je maar niet van af komt. Het is niet gisteren ontstaan, dus je hebt er al veel over nagedacht en met mensen over gesproken. Je kent alle pro’s en con’s. Je weet nog niet eens of je er wel mee wilt stoppen. En of je dat überhaupt wel zou kunnen. Best wel een eng idee. Maar eerlijk is eerlijk: je hebt er wel last van en je maakt je zorgen.

En op de een of andere manier beland je bij een hulpverlener die jou gaat proberen te helpen. Die kijkt wat geschrokken en zegt dat je vandaag nog moet stoppen, anders gaat het van kwaad tot erger. Hij of zij weet ook al hoe. En begint meteen allerlei ongevraagde adviezen en oplossingen aan te dragen. Dingen die helemaal niet bij jou passen. Je kunt vanavond nog naar een gespreksgroep. Eigenlijk is het ook wel wat onverantwoordelijk. Hoe heb je het toch zo ver kunnen laten komen? Deden je ouders het soms ook?

Tot zover deze ‘hulpverlener’. Wat voel en denk jij in zo’n situatie? En: wat zeg je? Waarschijnlijk iets dat begint met: ‘Ja, maar…’

Maar waarom werkt dit niet? De adviezen zijn toch goed bedoeld? Ongetwijfeld, maar voel je je als coachee ook gehoord, gezien en begrepen? Krijg je tijd om deze nieuwe info even op je in te laten werken? Wordt je autonomie gerespecteerd en ondersteund? Wordt er effectief met je samengewerkt?

Naast ons gezonde verstand laat ook onderzoek duidelijk zien dat ‘repareren’ niet werkt. Maar hoe moet het dan wel? De korte versie lees je hieronder.

2. Stel open vragen over verandering

Onderzoek samen de doelen, waarden en beweegredenen van je medewerker of coachee. Vraag wat hij of zij al weet over de risico’s van het gedrag of de gewoonte in kwestie. Vraag over welke veranderingen hij of zij al heeft nagedacht. Wat je wilt is dat de coachee zelf voor verandering gaat pleiten. En niet ‘sociaal wenselijk’ maar omdat-ie het meent. De taal die dan op gang komt heet ‘verandertaal’. En ja, het kan zijn dat dat niet de verandering is die jij in gedachten had. Maar misschien is deze verandering wel beter. Of op zijn minst acceptabel. En als je ook maar iets hoort dat vóór verandering pleit, dan ga je Luisteren met een hoofdletter.

3. Luister met een hoofdletter

Wie mensen wil motiveren heeft zijn oren harder nodig dan zijn mond. Laat dus merken dat je werkelijk luistert. Wees met je aandacht volledig bij de ander. En geef regelmatig reflecties (korte mini-samenvattingen) in reactie op wat de coachee zegt. Hiermee toon je ofwel begrip: ‘op tijd komen is dus lastig voor je omdat je slecht slaapt’. Ofwel prikkel je de coachee: ‘je collega’s mogen van jou wachten tot jij verschijnt’.

4. Benadruk de autonomie

Autonomie is een basisbehoefte van de mens, kijk maar naar peuters van twee. Benadruk dus expliciet de keuzevrijheid van de coachee, óók als dit bepaalde consequenties heeft. En toon begrip voor wat deze consequenties zouden betekenen. Als je heel graag een advies wilt geven, vraag dan eerst even toestemming: mag ik je een advies geven? En indien mogelijk: bied meerdere opties aan en laat de ander vrij om te kiezen.

5. Stel het belang van de ander voorop

De meeste mensen voelen haarfijn aan dat ze gemanipuleerd worden. Als je dus iemand coacht terwijl je ook hun leidinggevende bent, parkeer dan – indien mogelijk – je eigen belangen, al is het maar tijdelijk. Als dit niet kan:  wees dan volkomen helder over je eigen belangen en vertel de coachee wat je van hem / haar verwacht. Vertel ook waarom dit belangrijk is en vraag de coachee vervolgens hoe dit doel het beste bereikt zou kunnen worden.

Kortom, zoals Stephen Covey al zei: probeer eerst de ander te begrijpen voordat je zelf begrepen wilt worden!

Vond je deze blog leerzaam? Please like, comment or share!

 

Omdat ik zowel training geef in motiverende gespreksvoering, als in oplossingsgericht coachen krijg ik vaak de vraag wat nu precies de verschillen zijn tussen beide methoden. Beoefenaars van de ene ‘school’ weten vaak weinig van de andere. Ook kom ik veel vooroordelen tegen die de andere school geen recht doen. Laatst vroeg ik een Amerikaanse ‘goeroe’ op het gebied van Motiverende gespreksvoering tijdens een workshop wat hij vond van de Oplossingsgerichte benadering. Helaas bleek uit zijn antwoord dat hij de andere methode niet volledig op waarde wist te schatten. En ook andersom heb ik dat weleens meegemaakt.

Hoogste tijd dus voor een blog over deze twee fantastische methodes. Eerst zal ik stilstaan bij enkele overeenkomsten die ik denk te zien, vervolgens bij enkele verschillen en tenslotte zal ik hardop dromen over de wenselijkheid van integratie tussen beide methoden.

Voor het geval je je afvraagt of ik zelf een voorkeur heb: het is voor mij net als bij mijn twee kinderen. Ze zijn deels hetzelfde en deels verschillend. Ieder heeft zijn eigen charmes. Maar vraag me niet om te kiezen voor één van beide!

Voor het gemak gebruik ik vanaf nu de termen MI voor Motivational Interviewing en SF voor Solution Focus, al was het maar omdat die afkortingen ook doen denken aan ‘Mission Impossible’ en ‘Science Fiction’ (met dank aan een humoristische deelnemer).

Overeenkomsten tussen MI en SF

Beide methoden zijn ruim 30 jaar oud en dus inmiddels echt volwassen. Dat blijkt ook uit onderzoek: voor beide methoden bestaat het nodige bewijs dat ze effectief zijn bij het praten met mensen over verandering. En bij beide is vervolgonderzoek wenselijk en dat gebeurt ook.

Beide methoden zijn springlevend en ontwikkelen zich voortdurend verder op basis van onderzoek, praktijkervaringen, kennis-deling op het werk, in literatuur en op congressen. Bij beide methoden zie je vaak dat beoefenaars er een beetje verliefd op worden, onder andere omdat er zo’n mooi mensbeeld onder ligt. Dat mensbeeld komt grotendeels overeen met dat van de humanistische en tegenwoordig positieve psychologie: ieder mens beschikt over kracht en wijsheid en is – onder de juiste omstandigheden – geneigd om zichzelf te ontwikkelen in de richting van een gezond, liefdevol en betekenisvol leven.

Beide methoden zijn in een specifieke, Amerikaanse context ontstaan (hierover meer bij de verschillen) en hebben zich sindsdien als een olievlek over de wereld én over diverse contexten verspreid. Beide zijn sterk in opkomst in het onderwijs – waar steeds meer op een coachende manier wordt lesgegeven.

Beide methoden staan erom bekend dat ze ‘prettig zijn in het gebruik’. Dat wil zeggen dat het toepassen ervan de coach of hulpverlener veel voldoening geeft. Ook de cliënten die het ‘ondergaan’ zijn vaak aangenaam verrast in de zin dat zij als mens voor vol worden aangezien en in zichzelf hernieuwde levenslust, energie, inspiratie, kracht, creativiteit en wijsheid vinden. Tsja, wie wil dat niet?

Beide methoden zijn toekomstgericht en kennen een heldere focus: waar werken we naar toe? Wat is de gewenste verandering? Er wordt in principe niet ‘gegraven in het verleden’ vanuit de vraag: waar is het misgegaan? Het verleden wordt vooral gezien als een rijke bron van leerervaringen over wat wel en niet werkt in het leven van je cliënt. De vraag is niet: wat ontbreekt er? Er wordt gekeken naar: wat is er al? Hierdoor duren de trajecten relatief kort, doorgaans variërend van 1 tot 8 gesprekken, zelden langer. Beide hebben zelfs hun waarde bewezen in hele korte gesprekjes (5 – 10 minuten).

Door de actieve luisterhouding, de waarderende, niet-oordelende blik, het serieus nemen van de ander, het zoeken van samenwerking en het ondersteunen van de autonomie ontstaat er een bijzondere, warme sfeer in gesprekken. Ook kiezen beide methodes voor een houding van niet-weten in plaats van die van een expert. Hierdoor zie je vaak dat eventuele ‘weerstand’ van de cliënt al snel afneemt en omslaat in een bereidheid tot samenwerking en zelfonderzoek.

Beide methoden zijn ‘simple but not easy’. Dit komt onder andere doordat veel mensen oude en ineffectieve reflexen bij zichzelf moeten gaan herkennen en stap voor stap vervangen door andere, effectievere reflexen. Ja, tijdens een driedaagse training kun je prima de basis aanleren en daarna zullen je gesprekken waarschijnlijk een andere kwaliteit en dynamiek krijgen. Uitgeleerd zul je echter niet snel zijn. Ik houd me met beide methoden langer dan 10 jaar bezig en leer nog dagelijks bij.

Tenslotte kenmerken beide ‘conversatiestijlen’ zich door de nadruk op het ontlokken van specifieke taal. En dat is meteen een mooie brug naar de verschillen.

Verschillen tussen MI en SF

In het geval van MI ben je als beoefenaar op zoek naar ‘change-talk’ oftewel verandertaal. Hiermee wordt bedoeld: alles wat de cliënt zegt dat vóór verandering pleit of tegen de huidige status quo. Een belangrijk deel van de verandertaal gaat over ‘het waarom’ van verandering. In het geval van SF ben je op zoek naar ‘solution-talk’ oftewel oplossingstaal. Dit zijn uitingen van de cliënt die gaan over: mogelijkheden, oplossingen, successen uit het verleden, kleine stapjes in de goede richting. Een belangrijk deel van de oplossingstaal gaat over ‘het hoe’ van verandering.

Zoals gezegd zijn beide methoden ontstaan in een heel verschillende context. Dit is interessant omdat dat volgens mij iets zegt over ‘het ideale toepassingsgebied’. Ik geloof namelijk in ‘de juiste tool voor de juiste klus’. Een hamer is bedoeld om een spijker in hout te slaan. Kun je ook een schroef in hout slaan? Natuurlijk kan dat, maar met een schroevendraaier gaat het een stuk makkelijker en effectiever.

SF is ontstaan in een achterstandswijk in Milwaukee in het werken met multi-problem-gezinnen. Je kunt je vast voorstellen dat het zoeken naar de oorzaak van problemen daar weinig zinvol was. De problemen en oorzaken waren simpelweg te talrijk en te complex. Vragen naar de oorzaak leidde slechts tot het beschuldigen van elkander: ‘Waarom wij zo veel problemen hebben? Dat komt doordat papa drinkt, omdat mama zeurt, omdat de kinderen lastig zijn, omdat papa te weinig geld verdient…’ Niet erg effectief dus. De grondleggers van SF, Insoo Kim Berg en Steve de Shazer, ontdekten dat een gezin het veel sneller eens werd als er van begin af aan werd gesproken over positieve doelen, wat er al werkt, creatieve oplossingen en kleine stapjes in de goede richting. Als je mij nu vraagt waar SF het best op haar plaats is, dan denk ik: bij complexe systemen, zoals gezinnen, teams, scholen, organisaties.

MI is ontstaan in de behandeling van alcoholverslaafden en ontwikkeld door Bill Miller en Steve Rollnick. Omdat dat effectief bleek, verspreidde het zich naar andere vormen van verslaving, zoals soft- en harddrugs, gokverslaving, etc. Vandaar was het een kleine stap naar het bevorderen van een gezonde leefstijl en naar zaken als behandeltrouw (medicijn-inname, meewerken aan een therapie, etc.). En inmiddels wordt MGV met succes ingezet op zo’n beetje alle gebieden waar motivatie en gedragsverandering een rol speelt, met name wanneer dat gedrag ongezond, risicovol, ineffectief, onproductief of ronduit gevaarlijk is.

Als je me dus vraagt waar MI op haar best is, dan denk ik aan: ‘gewoontegedrag waar men ambivalent over is’. Want of het nu gaat over het gebruiken van drugs, ongezond eten of het niet opzetten van je helm op een bouwplaats: al deze gedragingen leveren op korte termijn een zeker plezier of gemak op, terwijl je er op de lange termijn een prijs voor betaalt. Zie daar het grote dilemma van de mens: kies ik voor ‘snel geluk’ of voor ‘duurzaam geluk’. MI is als geen andere methode toegerust om mensen te helpen een bewuste keuze te maken in dit ‘duivelse dilemma’.

Een interessant verschil tenslotte is hoe beide modellen omgaan met ‘confrontatie’. Je kunt je vast voorstellen dat bij verslaving (en ander gewoontegedrag) er iets stevigs nodig is om dit te veranderen. MI hanteert hiervoor het zogenaamde ‘discrepantie vergroten’. Dit is in feite een vorm van zelfconfrontatie en werkt al volgt. Doordat de cliënt meer contact krijgt met dieper gelegen doelen en waarden wordt hij zich bewust van het pijnlijke contrast tussen ‘wat ik zou willen doen’ en ‘wat ik feitelijk doe’. Hierdoor ontstaat vaak een diep verlangen naar verandering. Als vervolgens het vertrouwen toeneemt en de gewenste verandering steeds meer als haalbaar wordt gezien, dan zie je dat mensen langzaam maar zeker stappen gaan zetten richting verandering.

Bij SF confronteert men simpelweg niet, vanuit de overtuiging dat confrontatie meer hoort bij een traditionele, probleemgerichte aanpak en vaak meer kwaad doet dan goed. Een SF-beoefenaar werkt allereerst aan een co-creatie relatie, gaat vervolgens op zoek naar een ‘stip aan de horizon’ en kijkt vervolgens met ‘een roze microscoop’ heel gedetailleerd naar alle hoopgevende signalen uit het verleden en de nabije toekomst: wat werkt er al en wat zou er kunnen werken. De oplossingen komen daarbij niet van de coachende professional, maar van de cliënt zelf. Tegenwoordig wordt oplossingsgerichte gespreksvoering (met als aanvoerder Coert Visser) ook wel ‘progressiegericht’ genoemd en inderdaad dekt dat beter de lading.

Als ik nu het verschil tussen MI en SF tot één woord zou moeten reduceren dan denk ik dat MI meer gaat over ‘willen’ en SF meer over ‘kunnen’. En wat komt er nu eerst: willen of kunnen? Natuurlijk moet je eerst willen, voordat je je gaat inspannen om iets te kunnen. Aan de andere kant moet je geloven dat je iets kunt, voordat je het durft te willen. Mijn overtuiging is dat beide aspecten noodzakelijk zijn en dat je nooit te lang in één van beide gebieden moet blijven hangen. Ook kun je per cliënt bekijken waar het meest behoefte aan is: aan motivatie of aan vertrouwen in eigen kunnen (zelf-effectiviteit). In het eerste geval zou ik zeggen: werk aan willen; in het tweede geval: werk aan kunnen.

Wat kunnen beide methoden van elkaar leren?

Ik ken geen methode waarbij de gespreksvaardigheden zo tot op micro-niveau zijn uitgewerkt én onderzocht als MI. Met name de vaardigheid van het ‘reflectief luisteren’ is bijzonder waardevol en voor veel mensen bepaald niet gemakkelijk om te leren. De ontvanger van deze manier van luisteren voelt zich vaak op diep niveau begrepen. In dit blog lees je meer over deze actieve, empathische en aandachtige manier van luisteren. Oplossingsgericht werkenden stellen vaak prachtige, out-of-the-box vragen die de cliënt in contact brengen met diens eigen kracht, creativiteit en wijsheid. Echter in het zoeken naar de ultieme vraag zou zo iemand wel eens door kunnen schieten en vergeten om echt met aandacht en empathie te luisteren.

Andersom zijn MI-beoefenaars er een kei in om het verlangen naar verandering aan te wakkeren. Als dit echter niet gepaard gaat met toegenomen vertrouwen dan is wat je aan het doen bent in feite ‘wreed’, zo zeggen ook grondleggers Miller en Rollnick zelf. Nu besteed ook MI wel aandacht aan het vergroten van vertrouwen in eigen kunnen, maar hierin zijn SF-beoefenaars werkelijk virtuoos, onder andere omdat zij zo heel gedetailleerd doorvragen naar alle kleine, hoopgevende signalen uit het verleden en de nabije toekomst en hierbij niet snel zullen opgeven. Hier lees je meer over oplossingsgericht werken en denken.

Kortom: neem eens een kijkje in de keuken van de ander, zodat je nog beter wordt in datgene waar het uiteindelijk om gaat: effectieve gesprekken voeren over verandering met mensen die lijden. In mijn eigen trainingen en coachgesprekken merk ik dat beide methoden steeds meer door elkaar gaan lopen. Soms ook krijg ik opdrachten zoals in het onderwijs of de arbeidsre-integratie waarbij ik een goed doordachte combinatie van beide methoden aanbied. Ook spreek ik steeds vaker andere trainers die eenzelfde keuze maken.

Toekomst-muziek: motiverende oplossingsgerichte gespreksvoering!

Eerlijk gezegd hoop ik dat de scheidslijn tussen MI en SF ooit vervalt en men steeds meer gaat samenwerken en leren van elkaar met als ultiem doel: nóg effectiever worden in het faciliteren van blijvende verandering in mensenlevens, in gezinnen, op scholen, in organisaties en – je mag zeggen dat ik een dromer ben, maar ik ben niet de enige – misschien wel op mondiaal niveau.

Hoe kunnen we dat doen?

Door te onderzoeken wat onze diepste doelen en waarden zijn en hoe die contrasteren met ons huidige gedrag. En door het verlangen dat dan hopelijk ontstaat te gebruiken om te zoeken naar mogelijkheden, oplossingen en kleine stappen in de goede richting. En laten we daarbij niet vergeten stil te staan bij wat er al is en wat er al werkt, want er is niets motiverender dan het besef van ‘reeds bereikte progressie’.

Laten we wijzen naar mogelijkheden en oplossingen in plaats van naar elkaar…

Je bent van harte welkom om hierover van gedachten te wisselen, in een comment hieronder of face to face tijdens een van onze trainingen.

Vind je dit blog waardevol? Fijn als je hem deelt in je netwerk!

Laatst was ik een weekje in Zuid-Spanje en liep ik langs een 2e hands winkel met als naam ‘Nuevo para tí’, wat zoveel wil zeggen als : ‘Nieuw voor U’. Dat vind ik nou een mooi voorbeeld van een herkadering.

Voor coachende professionals kunnen herkaderingen ook een fantastische manier bieden om hun coachees een ander, nieuw perspectief aan te bieden. Coachees blinken er immers vaak in uit om zichzelf vast te zetten in een negatieve, niet-helpende interpretatie van de feiten.

Denk maar aan uitspraken als: “Ik zit helemaal klem”. “Ik wordt geofferd”. “Ik heb de boot gemist”

Omdat wij zelf niet vastzitten in het probleem en dergelijke situaties vaak al eerder hebben gezien of meegemaakt zijn we als geen ander in staat om een nieuw licht op de zaak te laten schijnen en herkaderingen zijn een mooie manier om dat te doen.

Een herkadering is eigenlijk niets meer dan ‘een nieuwe betekenis geven aan de feiten’.

Stap één is dan ook het achterhalen van die feiten door te vragen wat de coachee bedoelt als hij zegt ‘Ik zit helemaal klem’. Dan blijkt misschien dat hij een moeilijke keuze moet maken uit twee opties die hem beide onaantrekkelijk voorkomen, zoals: ‘Gaan scheiden of het uitmaken met mijn minnares’. Dit zou je dan kunnen herkaderen tot ‘een dilemma tussen hoofd en hart’, waarbij het natuurlijk raadzaam is om aan de coachee over te laten welke keuze staat voor ‘hoofd’ en welke voor ‘hart’.

Natuurlijk kun je een herkadering nooit ‘opleggen’ in de zin van ‘je moet het gewoon zo zien’. Maar wat in principe altijd kan is de herkadering vriendelijk aanbieden: hoe zou het zijn als je er zo naar kijkt? En wat zou je vervolgens anders kunnen gaan doen dat je nu nog niet doet? Mijn ervaring is ook dat je niet te snel moet willen gaan en soms eerst empathie moet bieden voor de beleving van de coachee.

Als coach kun je overigens veel voldoening scheppen uit het vinden van ‘de juiste herkadering op het juiste moment’. Dit is één van die gebieden waar je je creativiteit in kunt uitleven, mits het natuurlijk de cliënt ten goede komt anders kun je beter columns gaan schrijven.

Om je te inspireren heb ik een paar herkaderingen op een rijtje gezet die vaak van pas komen tijdens coach-gesprekken:

1. Een tegenslag of mislukking wordt een leerervaring.

De Dalai Lama heeft ooit gezegd: ‘If you loose, don’t loose the lesson’. Dit lijkt logisch maar heel veel mensen, zeker als ze wat meer een fixed mindest hebben, geven snel op na een tegenslag of mislukking en concluderen dat het er voor hen niet in zit.

2. Een verplichte huiswerkopdracht wordt ‘een interessant experiment’

Bij het oplossingsgericht coachen worden in feite nooit opdrachten gegeven, want wie heeft er sinds de middelbare school nou zin in ‘een opdracht’. Het doen van een experiment heeft een hele andere lading. Experimenten mogen immers mislukken of anders uitpakken dan verwacht en net als bij een scheikundige met reageerbuizen: je leert altijd iets!

3. Angst voor het onbekende wordt ‘het begin van een spannend avontuur’

Erken eerst: het lijkt me een lastig dilemma voor je, want je weet wel wat je hebt, maar niet wat je krijgt en natuurlijk is dat eng… Aan de andere kant zie je ook in dat je zo ook niet verder kunt. Hoe zou het zijn als je er naar kijkt als een spannend avontuur dat jou roept?

4. ‘Ik weet niet of ik het wel kan’ wordt ‘een kans om te groeien’

Er is een prachtig citaat dat toegeschreven wordt aan Pipi Langkous: ‘Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan!’ Is dat niet net zo waar als bij voorbaat denken dat je iets niet kan? Eigenlijk zegt zo iemand: ‘ik ben bang dat ik faal als ik het probeer…’ Precies om die reden moedigt de oplossingsgerichte aanpak vaak aan om te beginnen met hele kleine stapjes en experimenten, maar om in ieder geval te beginnen en niet te blijven hangen in faalangst.

5. Lijden wordt: ‘groeien in compassie’

Een van de mooiste boeddhistische uitdrukkingen vind ik: ‘No mud no lotus’. Hiermee wordt bedoeld dat als je geen lijden (modder) hebt meegemaakt, je ook geen compassie (lotusbloem) kunt ontwikkelen voor andere mensen die lijden. Overigens begint compassie vaak met zelf-compassie, mindfulness of zorgen voor jezelf als je het moeilijk hebt. Het alternatief is namelijk ‘vechten of vluchten’ en helaas is dat op lange termijn vaak geen houdbare strategie.

6. Lastig gedrag van een 3e wordt ‘een leraar op je pad’

Was het maar zo dat andere mensen zich altijd gedragen als liefdevolle supporters van ons en onze goede bedoelingen… Helaas zijn er altijd partners, collega’s buren en kinderen die ‘roet in het eten gooien’. Maar in plaats van hen te zien als hindernissen kun je er ook naar kijken als ‘leraren’. Ik geef toe: niet iedereen zal hier zo maar voor open staan. Maar als je zo iemand treft kan het enorm transformerend werken om bijvoorbeeld ‘The Work van Byron Katie’ te doen. Een van haar stellingen is: ‘Judge your neighbour and turn it around!’

7. Ongewenste emoties worden ’Helpende boodschappers’.

Veel mensen weten zich geen raad met de zogenaamde ‘negatieve’ emoties, terwijl die toch echt bij het leven horen en zelfs een belangrijke functie kunnen hebben! Zo betekent faalangst vaak dat je iets héél graag wilt… Angst is (iig oorspronkelijk) een signaal om alert te zijn voor mogelijk gevaar. Boosheid betekent vaak dat een belangrijke behoefte niet wordt vervuld of dat er een grens wordt overschreden. Verdriet betekent dat het tijd is om te rouwen en een bepaald verlies te verwerken.

8. Een problematische situatie als ‘de roep van de heldenreis’

Dit lijkt wat vergezocht, maar voor sommige coachees (jongeren, fantasy-fans) werkt het erg goed om een beroep te doen op de fantasie: ‘Stel je was een held zoals Frodo of Superman’en dit probleem was voor jou de oproep van een avontuurlijke reis… Wat zou je dan nu als eerste gaan doen? Wie zou je mentor kunnen zijn of worden? En waarin zou jij nu je moed kunnen tonen?

9. ‘Een verkeerde beslissing’ wordt ‘je beste optie op dat moment’

Mensen kunnen zichzelf jarenlang op de kop geven voor ‘een verkeerde beslissing’. Doodzonde want de realiteit is dat iemand die beslissing destijds heeft genomen en dat hij simpelweg niet kan weten hoe zijn leven was gelopen als je iets anders had besloten. We fantaseren vaak dat dan alles beter zou zijn, maar dat is natuurlijk onzin. Misschien heeft die beslissing wel ons leven gered… Het is veel helpender om die ene beslissing te zien als: ‘je beste optie van dat moment’

10. ‘Ik lijd dus er is iets mis met me’ wordt: ‘Ik lijd dus ik ben normaal!’

Dit is misschien wel de ultieme herkadering! ACT en mindfulness beschouwen pijnlijke gevoelens en belemmerende gedachten als ‘normale menselijke ervaringen die horen bij een rijk en betekenisvol leven’. Iemand die dergelijke gedachten of gevoelens heeft en die veroordeelt of zich er tegen verzet heeft er eigenlijk een extra probleem erbij: de emoties plus de overtuiging dat er iets mis is met je. De pijn die dan ontstaat noemen we in ACT ook wel ‘vuile pijn’ en die is een stuk lastiger te verdragen dan de aanvankelijke ‘schone pijn’.

Persoonlijk ben ik heel blij met dit inzicht, want laten we eerlijk zijn: wie kent er géén pijnlijke gevoelens en belemmerende gedachten? Zodra we die gedachten en gevoelens normaliseren zetten we de coachee (of onszelf) terug in de eigen kracht. Hier lees je trouwens een blog over het omgaan met lastige emoties.

Tot zover de 10 handige herkaderingen!

Welke herkadering gebruik jij vaak voor jezelf of voor je coachees? Please comment!

Vond je deze blog nuttig? Please like or share!

Wat is de mooiste, meest helpende vraag die jij ooit hebt ontvangen?

En: wat was daarop jouw antwoord?

Er is geen krachtiger gereedschap voor een coachende professional dan een goede vraag gevolgd door een aandachtige stilte…

Omdat ik zo gefascineerd ben door de kracht van vragen ben ik ze gaan verzamelen. Hieronder vind je 10 supervragen die gegarandeerd het gesprek een productieve wending geven, mits je ze op het juiste moment stelt. Ze hebben met elkaar gemeen dat ze open zijn en tegelijkertijd de verantwoordelijkheid neerleggen waar-ie hoort: bij de coachee. Het mooie daarvan is dat ook de kracht, wijsheid en eventuele oplossingen komen te liggen waar ze horen: wederom bij de coachee.

De vragen zijn natuurlijk afkomstig uit de drie methodes waarin wij training geven: Motiverende gespreksvoering, Oplossingsgericht Coachen en ACT.

Omdat vragen niet op zich zelf staan geef ik per vraag een klein stukje context waarin die vraag het meest passend is. Hier komen ze:

1. Een vraag die metéén aan het begin van het gesprek de coachee aan het denken zet is de volgende:Hoe kunnen we zorgen dat dit voor jou een nuttig gesprek wordt?”

2. Als iemand klaagt over anderen of de verantwoordelijkheid afschuift en je de invloed van je coachee bespreekbaar wilt maken:Dat lijkt me lastig… En hoe vormt dit een probleem voor jou?”

3. Als de coachee zich gedwongen voelt om deel te nemen aan jouw begeleiding:
Het is vast heel naar om verplicht te worden tot een gesprek. Wat is de reden dat je toch bent gekomen?”

4. Als iemand last heeft van vooroordelen:Hoe kun je bereiken dat mensen je anders gaan zien?”

5. Als iemand last heeft van een ongezonde of zelfs destructieve gewoonte:Stel je zou niks veranderen en je gaat / leeft op dezelfde manier verder… Wat gebeurt er dan met je?

6. Als je iemand’s persoonlijke waarden wilt verhelderen:Stel je staat bij Petrus aan de hemelpoort en hij vraagt wat voor iemand je bent geweest. Wat wil je dan kunnen zeggen?

7. Als je iemand wilt uitdagen, maar niet te veel en niet te weinig:Met welke volgende stap zou jij jezelf kunnen uitdagen?”

8. Als iemand door (faal)angst niet uit de verf komt:Als jij de goedkeuring van de hele wereld had en het kon niet mislukken… wat zou je dan gaan doen?”

9. Als je iemand vaker ziet en niet weet hoe je moet beginnen:Welke vraag zou je vandaag willen beantwoorden?”

10. Als je aan het eind van het gesprek commitment wilt ontlokken:Wat wil je met jezelf afspreken hierover?”

Welke vraag vond jij het meest nuttig? Of: welke krachtgerichte vragen stel jij zelf graag? Laat het me weten in een comment hieronder!

Wist je al dat er twee soorten vragen zijn?

De ene soort gaat over iemands kracht, over wat er al is, over de volle kant van het glas…

De andere soort gaat over iemand’s zwakte, over wat er ontbreekt, over de lege kant van het glas…

Waarom dat belangrijk is?

Yvonne Dolan zei het mooi:

‘The questions you ask shape the answers you get’.

Als je dus andere antwoorden wilt ontvangen van je cliënten, dan moet je andere vragen stellen!
Om dit nader toe te lichten moet ik je even iets uitleggen over hoe ons brein werkt. Je kunt het brein zien als een soort zoekmachine, zoals bijvoorbeeld google. En wat je ook intypt, je vindt altijd antwoord, niet waar?

Op internet is heel veel troep te vinden… Dus als je zoekt op ‘troep’ dan vind je ook troep…

Op internet is ook heel veel ‘geloof, hoop & liefde’ te vinden. Als je daarop zoekt, dan is dat wat je zult vinden.

Bij ons brein werkt het net zo!

Stel je wilt iets moeilijks bereiken of veranderen in je leven. Als ik jou vraag: Waarom lukt het niet? Wat houd je tegen? Of: Wat heb je nodig? Dan vraag ik naar je zwakte of naar wat er ontbreekt. Dit noem ik ‘rode vragen’ omdat er in ons brein een soort alarm-bel afgaat: ‘Is er soms iets mis met mij?’ Soms komen daar zelfs negatieve emoties bij kijken zoals angst en het gevoel te falen. Er bestaat zelfs kans dat iemand in de ‘vecht-of vlucht modus’ komt en zich gaat verdedigen.

Ik kan ook vragen: Wat geeft je een beetje vertrouwen dat het je zou kunnen lukken? Hoe zou je het aan kunnen pakken? Wat kan een makkelijke 1e stap in de goede richting zijn?

Voel je het verschil? Dit noem ik ‘groene vragen’, want ter plekke neemt het vertrouwen toe!

Bovendien komen hier positieve emoties bij kijken, zoals: hoop, vertrouwen, plezier. Volgens Barbara Fredrickson’s broaden and build model gebeuren er twee mooie dingen als iemand positieve emoties ervaart: we bouwen als het ware nieuwe reserves of hulpbronnen op (build) maar er ontstaat ook een blikverruiming (broaden). We worden creatiever en gaan méér mogelijkheden zien! En natuurlijk geldt dat ook voor jouw cliënt!

Kortom: als jij graag andere antwoorden wilt ontvangen, ga dan andere (groene) vragen stellen.

Mag ik dan nooit meer ‘rode vragen’ stellen?

Wellicht vraag je je dit af en natuurlijk mag dat best. Op zijn tijd een prikkelende vraag die tot nadenken stemt kan m.i. geen kwaad. Maar als jij wilt dat je cliënt meer vertrouwen krijgt in zichzelf en in zijn verandervermogen, dan raad ik je aan om minstens 3 x zo veel groene als rode vragen te stellen.

Hoe je dat leert?

Zowel in de training Motiverende gespreksvoering als Oplossingsgericht Coachen gaan we daar grondig mee aan de slag, zowel in theorie als in de ervaringsgerichte praktijk. Misschien dat dit blog je al triggert, maar waarschijnlijk geloof je het pas echt als je het zelf ervaart. Je bent welkom.

Vond je dit blog nuttig en/of leuk? Laat het me ajb. weten in een comment of deel het met je netwerk door op één van de social media buttons te klikken!

(waar jij ook van kunt profiteren)

Het leuke van trainer-coach zijn is dat je alles wat je leert op jezelf kunt toepassen. Het mes snijdt dan aan twee kanten: ten eerste word je een beetje je eigen coach en ten tweede is alle kennis die je doorgeeft veel doorleefder. Je weet waar je het over hebt.

You’ve been there

Precies om die reden wisselen mensen tijdens onze jaartraining voortdurend af tussen de rol van coach en de rol van cliënt. En hoewel ik waarde hecht aan wetenschap, geloof ik pas echt dat iets werkt als ik het zelf heb ervaren.

Om dit te illustreren heb ik een aantal persoonlijke levenservaringen getoetst aan onze methodes. En ze voor jou in dit blog op een rij gezet. Hier komen ze:

#1. Je bent niet je beroep of je hobby

Tijdens mijn studie had ik een passie: percussie spelen. Ik speelde o.a. Conga’s, nam lessen, ging zelfs naar Cuba en zat in allerlei bandjes. Ik had er veel plezier in, kreeg positieve aandacht, deed veel nieuwe vrienden op en het muzikant zijn werd steeds meer mijn identiteit…

En op een dag kon ik opeens niet meer spelen door een chronische blessure. En daar zat ik dan met mijn muzikanten-identiteit zonder een noot te kunnen spelen. Voor mij was dit het begin van een spirituele ontdekkingsreis, waarin ik onder meer leerde dat wij zoveel méér zijn dan slechts één rol die ons goed bevalt. Het mooie is dat ACT precies hetzelfde zegt: er is een ruimer zelf dat ons zelfbeeld, en al onze rollen overstijgt. Dit ruimere zelf biedt aanzienlijk meer mogelijkheden om te zijn wie je wilt zijn dan ons ‘bedachte zelf’.

#2. Mensen veranderen door wat ze zichzelf horen zeggen, niet door wat ze anderen horen zeggen

Sinds mijn afstuderen in 1996 werkte ik met verschillende uitdagende doelgroepen: kansarme jongeren, langdurig werkzoekenden, inburgeraars, vluchtelingen, (ex)gedetineerden, hulpverleners :o). Van al deze doelgroepen werd gevraagd om te veranderen en natuurlijk stond niet iedereen daar meteen voor open (zacht uitgedrukt). Als ik daar één ding van geleerd heb, dan is het dat overtuigen niet werkt.

Wat wel werkt is aandachtig en open-minded luisteren naar mensen en nieuwsgierig zijn naar de eigen beweegredenen van mensen. In de methode motiverende gespreksvoering is dit ‘luisteren-naar-de-beweegredenen-van-de-ander’ tot een ware kunst verheven met een evidence-based status. Het mooie is dat als je dit eenmaal door hebt, je veel effectiever wordt en het je minder moeite kost. Bovendien geeft het heel veel voldoening om op deze manier veel te kunnen betekenen.

#3. Inzicht garandeert geen actie, maar actie garandeert wel inzicht

Het valt me op dat veel mensen die vast lopen in hun leven enorm gaan piekeren over wat er allemaal mis is gegaan en waardoor hen dit is overkomen. Vaak is dan de gedachte: ‘als ik mezelf eenmaal snap, dan kan ik veranderen’. Ik heb dit zelf ook lang gedacht. Tot ik op een dag tot het inzicht kwam dat het misschien wel precies andersom werkt. De zoektocht tot inzicht leidt namelijk vaak tot uitstellen van de daadwerkelijke verandering. En zo blijf je heerlijk in je comfortzone…

Als je echter moed verzamelt, actie neemt en stap-voor-stap gaat toewerken naar de verandering die je wenst, zou je weleens heel veel nieuwe en nuttige inzichten kunnen opdoen. En na een tijdje vraag je je af wat je problemen ook al weer waren… Ik spreek uit ervaring. ACT en oplossingsgericht werken zeggen precies hetzelfde: zorg dat je helder krijgt wat je doelen en waarden zijn en werk daar in kleine stapjes en zo effectief mogelijk naar toe en leer omgaan met het ongemak en de angsten die er bij horen.

#4. Dwangmatig streven naar geluk maakt ongelukkig

Ik lees graag en het boek dat verreweg de meeste impact heeft gehad op mijn leven was ‘de Valstrik van het geluk’. De strekking van dat boek is dat juist het dwangmatig streven naar geluk ons ongelukkig maakt. Natuurlijk is er niks mis met het streven naar geluk, maar zodra je het nodig hebt om je voortdurend goed te voelen, raakt geluk juist steeds verder weg. Dat kan iedere verslaafde je vertellen.

Volgens Russ Harris leven we in een feel-good maatschappij waarin er iets mis met je lijkt te zijn, als je even niet gelukkig bent. ‘Want kijk maar: op face-book is iedereen happy!’

De realiteit echter is dat ieder mens wel eens somber is en dat zelfs één op de 5 mensen wel eens depressief is. Het probleem is dat als je een keer somber bent en vervolgens ook nog gaat denken dat er daarom iets mis met je is, je daardoor nog dieper in de put zakt.

De kunst is dan ook om te aanvaarden dat ieder mensenleven lichte en donkere periodes kent en dat dit volkomen normaal is. En naarmate je meer bereid bent om ‘alle smaken des levens te proeven’ wordt je steeds vrijer om te zijn wie je wilt zijn en te leven naar je waarden. En hoe meer je dat lukt, hoe meer je een dieper soort geluk leert kennen dat veel bestendiger is dan het oppervlakkige feelgood-geluk dat Hollywood ons voorschotelt. Ik heb dit zelf ook echt zo ervaren en dat is een van de redenen dat ik erg enthousiast ben over ACT.

#5. Relaties zijn een plek om te geven

Er was een tijd dat ik een relatie – onbewust – zag als een plek om te ontvangen (en ik denk dat ik niet de enige man ben die dat had of heeft). Toen ik vervolgens niet altijd kreeg waar ik naar verlangde gaf ik natuurlijk eerst mijn partner de schuld. Je kunt je voorstellen dat dit geen goed recept is voor een liefdevolle, wederkerige relatie…

Op zoek naar antwoorden las ik op zekere dag het boek ‘ACT with love’ van Russ Harris. Dat boek stelde vragen als: wie wil je zijn in je relatie tot die ander? En: wat wil je geven? Waar heeft die ander eigenlijk behoefte aan?

Het opende mijn ogen. Ik ben veel meer gaan kijken: Wat kan en wil ik hier en nu geven? Wat heeft de ander / de situatie nodig? De grap is dat ik daardoor veel tevredener werd met de relatie die we hadden én als onverwachte bonus vaker kreeg waar ik zelf naar verlangde. Let wel: ik ben geen heilige, maar ik kan wel vertellen dat mijn vrouw en ik nauwelijks nog ruzie hebben en inmiddels bijna 12 jaar gelukkig getrouwd zijn. (Ik zal haar trouwens snel eens vragen hoe zij dit ziet… :o)

#6. Een goede coach ziet de potentie van zijn cliënt

Stel je kunt kiezen uit twee coaches:

De één legt feilloos de vinger op al je ‘zere plekken’ en vertelt je wat je allemaal niet handig doet en dus zult moeten veranderen.

De ander legt feilloos de vinger op al je kwaliteiten en vertelt je wat je allemaal al handig doet en vooral moet versterken en evt. anders inzetten om zo je doelen te behalen.

Voor welke coach zou je kiezen?

Ik weet het wel. Wat er allemaal mis met me is, kan ik zelf ook wel vertellen. Maar als ik de rest van mijn tijd op deze planeet aangenaam en zinvol wil besteden, dan kan ik maar beter mijn kwaliteiten gaan ontwikkelen en inzetten.

De manier van de eerste coach vind ik eigenlijk ‘te makkelijk’. We zien immers eerder de splinter in anderman’s oog dan de balk in ons eigen oog. De kwaliteiten van de ander zien en benoemen is echter veel lastiger. Het vraagt een waarderende, onderzoekende blik en de bereidheid om een dialoog aan te gaan vanuit gelijkwaardigheid en de vraag: ‘wat werkt er voor jou?’ Een methode die dit als handelsmerk heeft is ‘Oplossingsgericht coachen’ en dit is een van de redenen dat ik daar nog steeds heel enthousiast over ben.

# 7. Vertrouwen ontstaat door actie

Vaak denken mensen: Zodra ik genoeg vertrouwen heb, ga ik mijn dromen waarmaken!

Wat klopt hier niet? Simpel: vertrouwen krijg je niet in je luie stoel; het ontstaat door het te gaan doen. Natuurlijk hoef je niet meteen in het diepe te springen. Je kunt beginnen met kleine stapjes. Zo was ik nooit voor mezelf begonnen als ik gewacht had op voldoende vertrouwen, want ‘ik was geen ondernemer’. Maar door simpelweg op een dag te gaan googelen op ‘Kamer van Koophandel’ ben ik stap voor stap gaan leren om een ondernemer te worden en groeide langzaam maar zeker het vertrouwen…

Een mooi boek waarin dit wordt uitgewerkt is ‘the confidence-gap’ van wederom Russ Harris en natuurlijk gebaseerd op ACT.

#8. Droom groot, maar begin klein

Ik geloof dat veel mensen een sterke innerlijke censuur hebben en daardoor zijn afgeleerd om werkelijk te dromen. Zodra er immers een mooie droom of waardevol doel oppopt in het bewustzijn, dan is daar onmiddellijk die stem: ‘dat lukt je toch niet!’ en ‘Wat denk je wel!’ De droom is dan innerlijk ‘weg gecensureerd’ voordat je het weet. En dat is heel jammer, want als je niet droomt dan heb je ook geen passie of richting in je leven en blijf je maar aanmodderen.

Ook is het zo dat áls mensen al nadenken over verandering, zij die verandering dan vaak te groot en perfect maken in hun hoofd. ‘Op 1 januari ga ik alles anders doen!’ Is dat realistisch? Ik denk van niet.

Als je naar de natuur kijkt dan gaan verreweg de meeste veranderingen heel geleidelijk en volgens mij werkt het ook zo bij mensen. Kleine stappen hebben een grote slagingskans en smaken naar meer. En voordat je het weet zit je in een positieve spiraal…

Kortom: de truc is om de moed te hebben om groot te dromen en de realiteitszin om te beginnen met hele kleine stappen. Een methode die dit snapt en ook ondersteunt is Oplossingsgericht Coachen.

#9. Als je fouten maakt ben je goed bezig

Het is soms heel verleidelijk om binnen je comfort-zone te blijven en vooral bezig te zijn met bewijzen wat je al kunt. Voor de buitenwereld maak je dan misschien een goede indruk, maar je ziel hou je niet voor de gek. Die weet dat je zo niet groeit en dus ook niet je volle potentie waarmaakt. Binnen je comfort-zone maak je weinig fouten, daarom heet het je comfort zone. Het is logisch dat je buiten je comfort-zone meer fouten maakt: het is immers onbekend terrein. Het maken van fouten betekent dus dat je de moed hebt getoond om nieuwe gebieden te verkennen en jezelf uit te dagen. En volgens mij ben je dan heel goed bezig!

Overigens wordt deze filosofie van mij goed onderbouwd door het onderzoek van Carol Dweck naar de Groei-mindset en ook door modern brein-onderzoek.

Een prachtige TED-talk over dit thema is trouwens deze van Larry Smith.

En laatst hoorde ik enkele lyrics van Joss Stone die dit heel mooi verwoorden:

I’ve got the right to be wrong
gotta sing my own song
I might be singing out of key
But it sure feels good to me.

#10. Dankbaarheid brengt overvloed en maakt gelukkig

In moeilijke tijden staren we ons vaak blind op wat er allemaal ontbreekt in ons leven. (Of ben ik soms de enige die dat doet… :o)

Deze manier van kijken is een goede manier om depressief te worden. Als je echter je focus verlegt en met een waarderende blik kijkt naar wat er allemaal voor positiefs aanwezig is, dan zul je jezelf verbazen met hoeveel er is en al snel in een betere stemming komen. Deze betere stemming zorgt er dan weer voor dat je nieuwe mogelijkheden gaat zien en zie daar, een positieve spiraal.

Barbara Fredrickson noemt dit ‘the broaden and Build- theory’. Het is een van de redenen waarom in de positieve psychologie (maar trouwens ook in alle wereldreligies) het cultiveren van dankbaarheid wordt aangemoedigd. Het is trouwens ook les 1 van onze gratis cursus Positieve psychologie.

Welke levenslessen heb jij zelf eigenlijk geleerd en zou je – beknopt – met ons willen delen?

Leuke blog? Je helpt ons als je deze deelt in je netwerk!

 

(of hoe je stoere gedetineerden aan het huilen krijgt)

Wat leuk dat je dit leest. Blijkbaar wil je mensen prettig en effectief helpen veranderen en dat waardeer ik. Want dat wil ik zelf ook. En ja, het juiste compliment op het juiste moment helpt enorm.

Misschien heb je de kracht van complimenten al lang ontdekt. In dat geval zeg ik: trek er op uit en doe je magie… de wereld heeft je nodig!

En als je nog iets bij wilt leren, lees dan vooral verder.

Zoals altijd beginnen we bij ons zelf. Natuurlijk is het fijn om een oprecht compliment te ontvangen, dat weet iedereen. Maar heb je wel eens een compliment ontvangen waardoor je iets over jezelf leerde? Iets waar je goed in bleek te zijn en dat voor jou vanzelfsprekend was?

Voor de ander was dat bijzonder. Je ontdekte dus een Unique Selling Point van je zelf… iets waarmee je de wereld tot een mooiere plek kunt maken. Hoe gaaf is dat? Sommige mensen doen daarvoor mee aan een dure assessment!

Kortom: voor de gever is een compliment een kleine moeite, terwijl het voor de ontvanger een geschenk van grote waarde is. Maar het ene geschenk is het andere niet. Daarom lees je hieronder hoe je dat geschenk nog mooier en effectiever kunt maken. En de wijsheid heb ik o.a. van motiverende en oplossingsgerichte gespreksvoering.

NB: vergis je niet hoe krachtig complimenten zijn! Toen ik nog dagelijks trainingen sociale vaardigheden gaf aan (ex)gedetineerden deden wij regelmatig een sessie rondom complimenten. Natuurlijk lieten wij ze ook elkaar complimenten geven en strooiden wij er zelf rijkelijk mee. Geloof het of niet, maar het thema waarbij ik de meeste tranen heb gezien bij de grootste en stoerste mannen, was dit thema…

Hier komen de tips:

1. Kijk met een waarderende blik

Je kunt pas complimenten geven als je ziet wat waarde heeft, vooral voor de ander. Het helpt dus als je voortdurend naar de ‘volheid van het glas’ kijkt, ook al is het glas maar voor 10% gevuld. Het is heel verleidelijk om te vallen over de 90% leegte in het glas.

2. Wat je aandacht geeft, groeit

Het helpt enorm als je weet wat je wilt versterken of vergroten. Bij motiverende gespreksvoering is dat steeds weer: verandertaal, dus alles wat de cliënt zegt, dat vóór verandering pleit. Bij oplossingsgerichte coaching zijn dat: haalbare doelen, creatieve oplossingen, kleine stapjes in de goede richting. Bij ACT is dat o.a.: het tonen van moed en bereidheid, het ontdekken van waarden, het in de praktijk brengen van toegewijd handelen.

3. ‘Je’ komt beter binnen.

Begin je compliment niet met ‘Ik vind…’, bijvoorbeeld: ‘ik vind dat je dat heel creatief hebt opgelost’. Het lijkt heel netjes dat  je het bij jezelf houdt, maar het werkt veel minder goed dan meteen beginnen met ‘je…’, zoals in: ‘Je hebt dat heel creatief opgelost’. Als je begint met ‘je…’ dan komt het meteen bij de ander binnen. En dat is wat je wilt. Het gaat tenslotte niet om jou of wat jij vindt, maar om die ander. Een variant is ‘wat heb je dat creatief opgelost, zeg!’ Die reken ik ook goed (o;

4. Zorg dat je het meent

Zoals oprechte complimenten de (werk)relatie verbeteren, zullen onoprechte complimenten die verslechteren. Zorg dus dat je zo kijkt naar de ander dat je dingen kunt benoemen die je echt meent. Weer die waarderende blik dus.

5. Trigger de groeimindset

Onderzoek van onder andere Carol Dweck heeft uitgewezen dat het veel effectiever is om proces-complimenten te geven, dan eigenschapscomplimenten. Zeg dus liever ‘Wat doe je dat slim!’, dan ‘Wat ben jij slim!’. De reden hiervoor is dat proces-complimenten een groei-mindset stimuleren en eigenschapscomplimenten een fixed mindset. Proces-complimenten gaan altijd over gedrag, inzet, of inspanning.

6. Wissel directe en indirecte complimenten af

Een direct compliment is simpelweg stellend: ‘jij houdt geduldig vol!’ Een indirect compliment heeft de vorm van een vraag: ‘Hoe lukt het jou om zo geduldig vol te houden?’ Doordat de ander hier even over na moet denken, geeft hij eigenlijk zichzelf een compliment.

7. Wees zuiver in je taal

Nog te vaak zie ik professionals complimenten geven als ‘goed zo!’ en ‘knap hoor!’. Natuurlijk is dit goed bedoeld, maar wat is er precies zo goed en zo knap? De ontvanger leert hier weinig van, behalve: deze hulpverlener is aardig voor mij. Wees dus preciezer: ‘wat moedig van je, dat je je zo kwetsbaar durft op te stellen in de groep’.

8. Heb oog voor deugden

Een project dat mijns inziens aandacht verdient en dat helpt bij het geven van zuivere complimenten is het deugden-project. Door oog te krijgen voor deze universele deugden en ze aan je taal toe te voegen, worden je complimenten steeds zuiverder. Denk daarbij aan woorden als: assertiviteit, eerlijkheid, respect, geduld, idealisme, hulpvaardigheid, etc. Als je bij iemand een deugd herkent hoef je voor een prachtig compliment alleen maar te zeggen: ‘je toonde [deugd X] toen je… ’.

9. Non-verbaal kan het ook!

Geef ook eens een non-verbaal compliment, gewoon ter afwisseling: een duim omhoog, een knipoog, een geluidloos ‘wow’ met je mond.

10. Kijk eens naar het filmpje validation ter inspiratie

En je zult zien dat het bij iedereen werkt en dat er door het geven van complimenten ware sprookjes kunnen ontstaan:

 

NB: als je ooit bij ons een training volgt, zul je vele complimenten gaan geven en ontvangen, dus je bent gewaarschuwd!

PS: Wil je meteen oefenen? Ik ben gek op complimenten, dus leef je uit in de box hieronder!

Jij wilt kennelijk weten wat ik hierover te schrijven heb …

Dat was er al eentje… een reflectie!

Wie beter wil leren motiveren ontkomt niet aan reflectief luisteren. En als er één vaardigheid is waar deelnemers aan mijn trainingen vaak aan moeten wennen, dan is het deze wel. Eigenlijk is dat best raar want we worden er de hele dag mee gebombardeerd…

‘So you think you can dance’

Een reflectie als titel, waar elke jongere die iets met dans heeft, zich door aangesproken voelt. Of wat dacht je van deze van Spotify. Hoor je net onderweg een lekker nummer, zegt opeens een stem: ‘Dus jij wilt graag onderweg naar goede muziek luisteren..’

Verkopers doen het, interviewers doen het, en zelfs kinderen doen het

Enkele jaren terug betrapte ik mijn zoontje van toen 5 op een reflectie. Hij deed mee aan een onderzoekje naar temperament waarbij hem een variëteit aan speelgoed werd voorgelegd. Toen de student-onderzoekster vertelde dat ze het zelf ook zulk leuk speelgoed vond, keek hij verbaasd op en zei: ‘dus u houdt van kinderspeelgoed….’ [stem omlaag].

Een mooi voorbeeld van een prikkelende reflectie. Ze ging er een beetje van blozen…

Wat is dat eigenlijk: Reflectief luisteren?

Reflectief luisteren is in de basis een manier van actief luisteren waarbij je regelmatig checkt of je de ander goed begrijpt. Dit checken doe je door middel van het geven van ‘reflecties’.
Een reflectie is een korte statement waarmee je teruggeeft wat je denkt dat de ander bedoelt, voelt of ervaart. Je luistert als het ware ‘tussen de regels door’ en checkt of je interpretatie klopt. Veel mensen moeten in het begin wennen aan het feit dat een reflectie een statement is in plaats van een vraag. De intentie waarmee je de reflectie geeft is echter: ‘je mag me verbeteren als het niet klopt’ en in de praktijk is dat ook wat mensen doen. Je kunt een reflectie ook zien als een mini-samenvatting die je regelmatig geeft om te checken of je nog op dezelfde golflengte zit.

Je kunt aan de intonatie horen of iets een reflectie is, dan gaat de stem namelijk aan het eind omlaag. Als de stem omhoog gaat, wordt het door de ander gehoord als een vraag. Probeer de volgende zin maar eens uit te spreken als een statement en als een vraag, dan hoor je zelf het verschil: ‘je wilt beter leren motiveren…’ of: Je wilt beter leren motiveren?’

Reflectief luisteren is bij motiverende gespreksvoering tot zeer hoog niveau uitgewerkt en er bestaan mensen, zoals Bill Miller, een van de grondleggers, die hier werkelijk virtuoos in zijn.

Het zwitsers zakmes onder de gesprekstechnieken

De reden dat reflectief luisteren voor iedere mensenwerker zo’n belangrijke vaardigheid is, is dat het ontzettend veel mogelijkheden biedt om de ander aan het denken te zetten. Behalve checken of je de ander begrepen hebt kun je namelijk ook iets nieuws toevoegen. Je kunt nieuw licht op de zaak werpen. Je kunt empathie tonen voor wat de ander doormaakt. Je kunt de ander uitdagen door in je reactie te overdrijven. Je kunt de verantwoordelijkheid terugleggen waar die hoort. Je kunt het onuitspreekbare uitspreken. En last but not least: je kunt de discrepantie versterken. Dit is een bijzonder sterke hefboom voor verandering. Discrepantie is de kloof die iemand ervaart tussen doelen, waarden en wensen aan de ene kant en de realiteit van het huidige gedrag aan de andere kant.

Dit kun je ermee:

Ter illustratie volgen een aantal voorbeelden van verschillende soorten reflecties:

Voorbeeld 1: Verantwoordelijkheid terugleggen:
Client: ‘Ze vroegen of ik ze een lift kon geven en opeens gingen ze dat tankstation overvallen’
Professional: ‘Je stemde toe zonder te weten wat hun bedoelingen waren’.

Voorbeeld 2: Empathie uitdrukken (gevoelsreflectie)
Client: ‘Er is eigenlijk niemand waarmee ik hierover kan praten’
Professional: ‘dat moet heel eenzaam voor je zijn’

Voorbeeld 3: Discrepantie versterken (tweezijdige reflectie)
Client: ‘Ik weet heus wel dat het niet goed is, maar tsjonge jonge, ik mag toch ook wel een pleziertje!’
Professional: ‘Je wilt genieten en tegelijk besef je hoe schadelijk dit voor je is’.

Voorbeeld 4: Nieuw licht op de zaak
Client: ‘het is allemaal zo uitzichtloos…’
Professional: ‘Hmm… je kunt je nog niet voorstellen dat dit voorbijgaat’

Voorbeeld 5: Herkaderen:
Client: ‘ik ben teruggevallen in coke-gebruik, dus het is wéér mislukt
Professional: ‘Je hebt iets geleerd op een harde manier…’

Voorbeeld 6: Uitdagen:
Client: ‘Dat internet-gokken is zo verleidelijk. Drie keer klikken en ik ben weer bezig. Het lijkt wel sterker dan ik.’
Professional: ‘Het online casino heeft jou volledig in zijn macht’

Voorbeeld 7: Het onuitspreekbare uitspreken
Client: ‘Ik durf het haast niet te vertellen, maar ik vind het opvoeden gewoon een ‘hell of a job’.
Professional: ‘het klinkt alsof je je schaamt voor het feit dat het ouderschap je zo zwaar valt’.

Kortom: als je met mensen werkt, dan kun je eigenlijk niet zonder de vaardigheid reflectief luisteren. Als je deze vaardigheid ook onder de knie wilt krijgen of verbeteren, volg dan ook een training motiverende gespreksvoering! Je werk wordt er leuker en lichter van…

Do try this at home!

Als mensen net een training motiverende gespreksvoering hebben gevolgd, zijn ze vaak zó enthousiast dat ze hun nieuwe vaardigheden onmiddellijk thuis gaan toepassen.

Hopelijk doet manlief dan wat vaker de vuilnis in de kliko…

Toch is dit tricky want motiverende gespreksvoering is ontwikkeld voor een hulpverleningscontext en niet voor huisgenoten die de afwas niet doen.

Wat je wel heel goed thuis kunt doen is reflectief luisteren. Iedereen vind het tenslotte fijn om begrepen en gehoord te worden. Een mooi voorbeeld van reflectief luisteren in de huiselijke sfeer zie je hieronder en laat me vooral weten als je thuis of op het werk mooie resultaten bereikt met deze bijzondere vaardigheid!

Ook reflectief leren luisteren?

Neem eens een kijkje bij ons aanbod rondom motiverende gespreksvoering.

Of koop gewoon mijn boek.

Een vraag stellen, wat kan daar nou moeilijk aan zijn? Je zegt iets met een vraagteken erachter en vervolgens kijk je de ander verwachtingsvol aan… Appeltje eitje, toch?

Niet dus

Omdat ik vaak professionals mag observeren tijdens trainingen Motiverende gespreksvoering en on-the-job coaching kan ik vertellen dat er bij het stellen van vragen van alles misgaat, alle goede bedoelingen ten spijt. En dat is jammer want het stellen van goede vragen is een van de krachtigste verandertools die we hebben als hulpverlener of coach. (Overigens gaat er óók van alles mis bij de manier waarop men luistert naar het antwoord. Daarover meer in een volgend blog, dit wordt namelijk een serie).

Ik zal je, behalve wat er vaak misgaat, natuurlijk ook vertellen wat je hiervoor in de plaats kunt doen. Tenminste, als je op een bewezen effectieve én plezierige manier mensen wilt helpen om hun (gewoonte) gedrag te veranderen.

Hierbij ga ik trouwens uit van twee vooronderstellingen

A. Mensen veranderen eerder door wat ze zichzelf horen zeggen, dan door wat ze anderen horen zeggen.

B. Het menselijke brein is een zoekmachine: zoekt en gij zult vinden (alleen duurt het soms even). Dit geldt net zo goed voor redenen om te veranderen als voor redenen om niet te veranderen. Ook geldt het even sterk voor zaken die het geloof in eigen kunnen (self-efficacy) versterken als verzwakken.

Het is dus nogal belangrijk welk soort vragen je stelt en hoe je ze stelt

Oké, wat gaat er dan allemaal mis? Hier komen ze en om wat context te bieden nemen we als voorbeeld-cliënt iemand die rookt en die overweegt om daarmee te stoppen.

1. Je stelt te veel gesloten vragen.

‘Rook je veel? Ben je al eerder gestopt? Heb je al geprobeerd om nicotinepleiters te plakken? Of zo’n e-cigaret?’

Als een vraag met een werkwoord begint weet je zeker dat het een gesloten vraag wordt. De enige twee mogelijke antwoorden zijn dan ‘ja’ of ‘nee’. Dit zijn nu niet bepaald de vragen waar mensen nog dagen over nadenken als ware het een Koan. Bovendien suggereren gesloten vragen dat jij de expert bent en de ander dus niet. Ook niet over zijn eigen leven. En dat maakt afhankelijk. ‘Kom maar door met dat advies dat ik toch niet op ga volgen…’

Tip: stel 2 x zo veel open als gesloten vragen en zet de ander echt aan het denken.

Enkele effectieve vragen aan onze roker: ‘Welke redenen heb je om te stoppen? Waarom is dat belangrijk voor je? Wat zou je kunnen helpen om te stoppen? Hoe zou de kans van slagen het grootst worden?’

Met deze vragen is de kans op verandertaal vele malen groter!

2. Je stelt een ‘verknoeide’ open vraag

‘Wat betekent roken voor jou? Helpt het je om te ontspannen?’

Jammer.

De eerste vraag is prima. De tweede verknoeit ‘m. Mensen zullen altijd de makkelijkste vraag beantwoorden en de tweede is nu eenmaal veel makkelijker te beantwoorden dan de eerste.

Tip: als je een goede vraag stelt en je krijgt niet meteen antwoord, wacht dan even. De ander is aan het nadenken.. precies wat je wilt, toch?

3. Je wacht te kort op het antwoord

Hoe beter je vraag is, hoe méér er gebeurt bij de ander en hoe langer deze na moet denken… Vaak hoor ik een prachtige vraag en als er dan niet meteen een antwoord komt, gaat de vragensteller ‘helpen’. Is het soms dit of dat? Dan wordt het opeens een multiple-choice vraag…  Jammer.

Tip: Als je een goede vraag hebt gesteld en je wordt ongeduldig, haal dan even wat dieper adem en zoek de leuning van je stoel op. De meeste mensen gaan binnen 7 seconden praten!

(Een geweldige mentor die ik had toen ik net reclasseringswerker werd zei vaak: eigenlijk zou elke hulpverlener pijp moeten roken. Dan kun je prachtige vragen stellen en je vervolgens rustig met je pijp bemoeien in afwachting van het antwoord… Ik rook geen pijp, maar ben dit nooit vergeten.)

4. Je geeft zelf het antwoord

Het kan nog erger. Mensen met weinig geduld vinden het vaak lastig om een flinke stilte te laten vallen. Een manier om die stilte op te vullen is: zelf het antwoord geven. Een cliënt die zich er makkelijk van af wil maken hoeft dan alleen nog maar te zeggen: ‘ja, zo zit het’.

‘Vind je het vervelend dat je als roker tegenwoordig nergens meer welkom bent? Ja, zeker hè!’

Tip: laat de ander het denkwerk doen, anders verandert er niets!

5. Je stelt een ‘stapel-vraag’

Hiermee bedoel ik dat je meerdere vragen achter elkaar stelt. Het kan zomaar zijn dat daar hele goede vragen tussen zitten. En welke denk je dat de cliënt beantwoord? De makkelijkste natuurlijk. Of de laatste. Maar meestal is dat niet de beste….

Tip: kijk naar dit filmpje en je stelt nooit meer een stapelvraag:

6. Je stelt wollige vragen

Soms stellen mensen vragen die zo ongelooflijk lang zijn dat alleen de vragensteller snapt wat-ie bedoelt. Op vage vragen krijg je een vaag antwoord.

Tip: stel een korte en bondige vraag, leg ‘m denkbeeldig op het bordje van de ander en wacht…

7. Je stelt überhaupt geen vragen

Sommige mensen stappen onmiddellijk in de ‘verbeter-reflex’ zodra ze oog in oog staan met iemand met een probleem. Ze gaan overtuigen, adviseren, ongevraagde oplossingen aandragen, beleren, waarschuwen, etc.. Helaas vertel je dan zelden iets wat de ander nog niet gehoord of zelf bedacht heeft. Bovendien is de kans groot dat de ander zich gaat verdedigen en zichzelf van verandering weg praat…

Tip: wees oprecht nieuwsgierig naar de visie en beleving van de ander en vraag hier naar.

8. Je stelt een vraag ‘de verkeerde kant op’

Je cliënt laat weten dat veranderen nog niet zo makkelijk is. En jij vraagt ‘Waarom lukt het je dan niet?’ Dit lijkt een logische vraag, maar hij is niet empowerend. Iemand gaat je namelijk vertellen waarom het niet lukt… En ter plekke zakt de moed jullie beiden in de schoenen… Vraag liever: ‘Hoe zou het kunnen lukken als je zou besluiten om te stoppen?’

Hetzelfde geldt voor redenen om te veranderen. Op de vraag ‘Waarom stop je niet gewoon?’ zal iemand je haarfijn uitleggen waarom stoppen nog niet zo eenvoudig is. Vraag liever: ‘Wat maakt dat je overweegt om te stoppen?’

9. Je stelt vragen met een verborgen agenda

‘Weet je hoeveel groter de kans op longkanker wordt als je dagelijks rookt?’ Eigenlijk wil je de ander waarschuwen. Tip: Vraag liever wat de ander al weet en nog wil weten over de risico’s van dagelijks roken.

‘Denk je niet dat je hier later spijt van krijgt?’ Je wilt dat de ander nadenkt over gezondheid op de lange termijn. Tip: vraag hier gewoon naar: ‘Hoe belangrijk is je gezondheid op de lange termijn voor je?’

10. Je stelt alléén maar vragen

Mooi, je toont interesse, maar er zijn nog méér gesprekstechnieken! Wat dacht je van reflectief luisteren? Dit zou je het ‘Zwitserse zakmes onder de gesprekstechnieken’ kunnen noemen omdat je er heel veel kanten mee uit kunt. Kort gezegd komt het neer op wat Stephen Covey al zei; ‘Probeer eerst de ander te begrijpen, voordat je zelf begrepen wilt worden’.

En wil je meer weten over motiverende gespreksvoering? Overweeg dan eens deelname aan één van onze trainingen live of online!

Foto-verantwoording: http://commons.wikimedia.org/wiki/File:Fefifa_with_red_glasses.jpg

Soms ontdekt de wetenschap dingen die de Ouden en de Wijzen al lang wisten. Onderstaande citaten zijn van alle tijden en worden toch vaak gebruikt om moderne evidence-based methoden te onderbouwen. Voor jou en mijn gemak heb ik ze als volgt bij elkaar gezet: 5 methoden x 5 citaten. Ik heb ze alleen onvertaald gelaten als het Nederlands ontoereikend was om de nuance te vatten.

Motiverende gespreksvoering:

Maya Angelou

Ik heb geleerd dat mensen vergeten wat je hebt gezegd of gedaan, maar ze zullen nooit vergeten welk gevoel je ze gegeven hebt

Blaise Pascal

Mensen veranderen eerder door de redenen die ze zelf hebben ontdekt en opgesomd, dan door de redenen die door anderen zijn opgesomd

Wolfgang Goethe

Als je iemand behandelt zoals hij is, dan zal hij blijven zoals hij is.
Als je iemand behandelt alsof hij was wat hij zou kunnen zijn, dan wordt hij zoals hij zou kunnen zijn…

Rumi

Ergens voorbij goed en kwaad ligt een veld… daar wil ik je graag ontmoeten

Martin Buber

Ik heb het recht niet om iemand anders te willen veranderen als ik zelf niet bereid ben om te veranderen

 

Oplossingsgericht coachen:

Yvonne Dolan

‘The questions we ask shape the answers we get…’

Steve de Shazer

Praten over problemen creëert problemen. Praten over oplossingen creëert oplossingen

Insoo Kim Berg

Werk met het antwoord dat je krijgt

Steve de Shazer

Be patient. You never know when the change is going to happen

Rita Baely

Start wherever you are and start small

 

ACT:

Franciscus van Assisi

Geef me de moed om te veranderen wat ik kan veranderen; geef me de sereniteit om te accepteren wat ik niet kan veranderen en geef me de wijsheid om het verschil tussen beide te zien.

Buddha

Pijn is onvermijdelijk, lijden is een keuze

Oosters gezegde

Als je ertegen vecht, vecht het terug. Als je ervoor vlucht, komt het je achterna. En als je het laat zijn, kan het ook weer gaan.

ACT-gezegde

Geen beter kompas voor het leven dan je eigen hart

Thich Nhat Hahn:

Het mooiste geschenk dat we een ander kunnen geven is onze aanwezigheid. Als we onze geliefden met Mindfulness omarmen, bloeien ze op

 

Positieve psychologie:

Martin Seligman

Positieve psychologie vraagt vooral een verandering in focus van ‘het slechtste repareren’ naar ‘het beste creëren

Donald ‘o Clifton

Shine the light on what’s right

Friedrich Nietzsche

Dat wat me niet ombrengt, maakt me sterker.

Onbekend

Het is makkelijker om van een 7 een 9 te maken, dan van een 4 een 6.

Art Buchwald

The best things in life aren’t things

 

Mindfulness

Jon Kabat-Zinn

Loslaten van geluk-als-doel kan er voor zorgen dat het geluk vanzelf komt

Thich Nhat Hanh

Als je niet je aandacht oefent, oefen je je achteloosheid

David Dewulf

Het is aandacht die kleur geeft aan bloemen, geur aan het vers gemaaide gras, gezang van de vogels en smaak aan de wijn.

James Oppenheim

De dwaze mens zoekt geluk in de verte, de wijze mens laat het groeien onder zijn voeten.

Pema Chödrön

Als we leren ons hart te openen, kan zelfs degene die ons irriteert, onze leraar worden.

 

Ook zo wijs worden?

Overweeg dan eens om deel te nemen aan de unieke Jaartraining ‘Effectief Coachen anno Nu’.